Belangrijk: de plek waar je vocht ziet is vaak niet de bron. Werk daarom altijd via de stappen hieronder.
- Actieve lekkage (dak, leiding, afvoer) of water dat zichtbaar binnenkomt
- Elektriciteit in een vochtige zone
- Grote schimmelplekken (groter dan ~1–2 m²) of sterke gezondheidsklachten
- Houtrot / constructieve aantasting (balkkoppen, vloeren, dragende delen)
- Na regen / storm / bepaalde windrichting → denk eerst aan infiltratie/doorslag (buitenschil, goten, aansluitingen).
- In winter of na lange afwezigheid → vaak condens op koude massa (verwarming/ventilatie-balans).
- Continu aanwezig → kan opstijgend vocht zijn, maar sluit eerst lekken en doorslag uit.
- Na douchen/koken/slapen → meestal condens/ventilatie (leefvocht).
- Sinds renovatie (isolatie, nieuwe vloer, afdichtende verf) → verhoogde kans op condens in constructie of “vocht opgesloten”.
- Onderste 0–100 cm → vaak (maar niet altijd) capillair/opstijgend of spatwater/afvoerproblemen.
- Hoeken/achter meubels → typisch condens + koudebrug + onvoldoende luchtstroming.
- Plafond/dakvlak → vaak dakdetail, condens onder dak, of lekkage.
- Rond ramen/deuren → infiltratie via aansluitingen of koudebruggen/condens.
- Kelder/souterrain/vloer → grondvocht, drainage, of waterdruk/infiltratie langs wanden.
- Goten/valpijpen/putjes (regards) en afvoer: lek, scheur, overloop, slecht loospunt.
- Buitenniveau (grond hoger dan vloer/plint) en afschot richting gevel.
- Installaties: watermeter-check (dichtzetten, kijken of er toch verbruik is), afvoeren, sifons.
- Recent “dichtgemaakt”: dampdichte verf, folie, bitumen aan binnenzijde.
- Isolatie: binnenisolatie zonder damprem of zonder ventilatie-strategie.
- Vocht aan kamerzijde → condens
- Vocht aan muurzijde → constructief vocht (doorslag/capillair)
- Droger naar binnen → condens (vocht van binnen)
- Natter naar binnen → infiltratie (vocht van buiten)
- Gelijkmatig vochtig → mogelijk capillair

