Zo gebruikt u dit dossier
Dit dossier is geordend per klus, niet per norm. U zoekt op wat u gaat doen, niet op welk artikel daarover gaat. Elke klus is zelfstandig te lezen.
Een goed ontwerp begint niet bij de maar bij de functies die u op het terrein wilt: verlichting, , een poort, pompen, een bijgebouw, een zwembad, een . Pas daarna volgt welke functies samen en welke apart moeten worden beveiligd en gevoed. Zie P18: een natte tuinlamp die de hele installatie meeneemt is het gevolg van de omgekeerde volgorde.
Elke klus heeft dezelfde opbouw. Bovenaan staat of u het zelf kunt en hoe lang het duurt. Daarna wat u gaat maken en met welke valstrik, wat u kunt aantreffen, wat u nodig heeft met de Franse namen erbij, hoe u het doet, waar het bij anderen misging, waar de regels op berusten, en wat u achteraf vastlegt.
De regels staan niet in de klussen zelf maar in de normmodules achterin, genummerd N1 tot N22. Elke klus verwijst naar de modules die hem raken. Zo staat elke regel één keer goed opgeschreven en leest u niet vier keer hetzelfde.
De fouten staan in de praktijkmodules, genummerd P1 tot P25. Dat zijn echte gevallen van Franse doe-het-zelffora, nagevertelde ervaringen, geen normbron.
Over de betrouwbaarheid
Bij elk hard gegeven staat waar het vandaan komt. Vijf niveaus:
| Status | Betekenis |
|---|---|
| WETTELIJK | Rechtstreeks gecontroleerd in Légifrance of een officiële overheidsbron |
| NF-NORM GECONTROLEERD | Gecontroleerd in de officiële weergave van het toepassingsgebied van de norm |
| OFFICIEEL ADVIES | Van een ministerie of officiële instantie, zonder regelgevende strekking |
| PROFESSIONEEL ONDERBOUWD | Van fabrikanten of vakhandel, niet in de norm of wet gecontroleerd |
| NOG TE VERIFIËREN | Aannemelijk maar niet vastgesteld; staat er als open punt bij |
Waar een maat ontbreekt, staat er geen maat. Dat is geen slordigheid maar de reden waarom u de rest wel kunt vertrouwen.
Waarschuwing vooraf
Dit dossier is geen vervanging van vakkennis en geen keuring. Werk aan elektrische installaties kan dodelijk zijn. Schakel af, controleer spanningsloosheid, en bel iemand zodra u twijfelt over wat u aantreft.
Groep A · Rond het huis
A1 · Een buitenlamp aan de gevel
Voordat u begint. De enige echt lastige stap is de doorvoer door de muur waterdicht krijgen; de rest is eenvoudig. Is er in de geen vrije groep en weet u niet hoe u er een maakt, laat dat onderdeel dan aan een installateur over.
Wat u gaat maken. Een vast armatuur aan de gevel, gevoed vanuit een bestaand lichtcircuit of een eigen groep.
De valstrik: de meeste mensen kiezen eerst een lamp en kijken daarna waar hij past. Doe het omgekeerd. Bepaal eerst waar het licht moet vallen en hoe de kabel daar komt, want dat bepaalt of u binnen of buiten moet boren en of u de muur openhaalt.
Wat u kunt aantreffen. Vaak zit er al een aansluitpunt van een oude lamp. Dat is geen garantie dat het bruikbaar is: controleer of er een beschermingsgeleider aanwezig is, of het punt achter een differentieelbeveiliging hangt en in welke staat de bedrading verkeert. Zie F3 als u de installatie niet kent.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Buitenarmatuur | applique extérieure |
| Doorvoer door de muur | fourreau, gaine ICTA |
| of afdichting | presse-étoupe, joint d'étanchéité |
| Aansluitklem | bornier, borne de connexion |
| Kabel binnen | câble H07V-U in gaine ICTA |
Zo doet u het
- Schakel de groep af en controleer dat er geen spanning meer staat.
- Bepaal de plaats van het armatuur en de route van de kabel.
- de doorvoer met een lichte helling naar buiten, zodat regenwater naar buiten loopt en niet naar binnen.
- Voer de kabel door en dicht de doorvoer af aan de buitenzijde.
- Monteer het armatuur, sluit fase, nul en beschermingsgeleider aan.
- Schakel in en controleer de werking en de aardlekbeveiliging met de testknop.
Waar het misgaat. P3 condens zonder lek · P9 de aarde die u denkt te hebben · P14 UV op materiaal dat er niet tegen kan · P23 binnenmateriaal buiten gebruikt
Waar dit op berust. N2 de buitenruimte hoort bij de woninginstallatie · N5 dertig milliampère · N7 materiaal dat tegen zijn omgeving kan · N18 licht en buren · N21 wat u zelf mag doen
Klaar? Controleren en vastleggen. Test de differentieelbeveiliging. Noteer op welke groep de lamp is aangesloten.
A2 · Bewegingsmelder of schemerschakelaar bij de entree
Voordat u begint. Dit bouwt voort op A1: dezelfde bevestiging, dezelfde bedrading. Het verschil zit in het afstellen ná de montage, niet in de montage zelf.
Wat u gaat maken. Een buitenlicht dat vanzelf aan en uit gaat.
De valstrik: mensen kopen een melder en monteren hem op de plek van de oude lamp. Een melder ziet beweging dwars op zijn kijkrichting veel beter dan recht naar zich toe. Bepaal eerst waar mensen vandaan komen.
Wat u kunt aantreffen. Bestaande schakeldraad zonder nulleider. Veel melders en hebben een nul nodig. Controleer dat voordat u koopt.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| détecteur de mouvement | |
| Schemerschakelaar | interrupteur crépusculaire |
| Armatuur met geïntegreerde melder | hublot avec détecteur |
Zo doet u het
- Bepaal de looprichting van wie u wilt detecteren en kies de montageplaats dwars daarop.
- Schakel af en controleer spanningsloosheid.
- Monteer en sluit aan volgens het schema van de fabrikant; let op of er een nul nodig is.
- Stel gevoeligheid, schemerdrempel en nalooptijd af in het donker, niet overdag.
- Loop het detectiegebied af en corrigeer.
Waar het misgaat. P5 het klepje dat openblijft · P14 UV · P25 de aardlek die nooit is getest. En specifiek: een melder die op de straat is gericht en de hele nacht knippert omdat er auto's langsrijden. Dat is niet alleen hinderlijk voor u.
Waar dit op berust. N5 · N7 · N18 licht, buren en de nacht. Dat laatste telt hier zwaarder dan elders: wie hinder veroorzaakt die de normale ongemakken van nabuurschap overschrijdt is van rechtswege aansprakelijk, ook als hij verder alle regels naleeft.
Klaar? Loop een week later 's avonds nog eens langs en kijk of hij doet wat u wilde.
A3 · Een buitenstopcontact dat jaren meegaat
Voordat u begint. De lastigste keuze hier is niet elektrisch maar de plaats: waar het stopcontact praktisch is én droog blijft.
Wat u gaat maken. Een vast, geaard stopcontact aan de gevel of op een paal.
De valstrik: hoogte. Een aansluitpunt vlak boven de grond staat in de spatzone, in bladeren, in plassen na een bui, in sneeuw, en op maaihoogte. Grond stijgt bovendien in de loop van jaren. Wat bij aanleg twintig centimeter is, is over tien jaar tien.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaand punt zonder beschermingsgeleider, of een dat tijdelijk was en het niet bleef. Zie P22.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans | Let op |
|---|---|---|
| Waterdicht stopcontact | l'appareillage étanche | type E of hybride, niet alleen Schuko |
| Meervoudig blok | bloc multiprise étanche | let op de IP-waarde van het model |
| Wartel | presse-étoupe | maat afgestemd op de kabeldiameter |
| Kabel | câble U-1000 R2V | sectie volgt uit de belasting |
Frankrijk gebruikt type E, met een in de wandcontactdoos. Een Nederlands of Duits Schuko-blok heeft aardcontacten aan de zijkant en geen pen. Een Franse past er mechanisch wel in maar krijgt dan geen aardverbinding, en dat merkt u nooit tot het moment dat het ertoe doet. Koop het punt in Frankrijk, of controleer dat het hybride is.
Zo doet u het
- Bepaal wat er ooit aan komt te hangen, niet wat u vandaag nodig heeft. Dat bepaalt de kabelsectie en de groep.
- Kies de hoogte. Ruim boven maaiveld, bereikbaar zonder te bukken.
- Schakel af en controleer spanningsloosheid.
- Voer de kabel van onderen de doos in, met de wartel naar beneden.
- Open de condensopeningen onderin als het model die heeft.
- Sluit aan en controleer de aarde met een testapparaat, niet op het oog.
- Test de differentieelbeveiliging.
Waarom hoogte werkt. Op honderdtwintig centimeter bedient u een stekker zonder te bukken. Dat klinkt als comfort maar het is veiligheid: wie met zijn handen vol staat, laat het klepje open hangen. De meeste IP-verliezen zitten in gedrag, niet in materiaal. Kleuters komen er bovendien niet bij.
Meerdere stopcontacten op één punt schelen later graafwerk: een lamp erbij is dan een stekker in plaats van een sleuf. Maar drie stopcontacten nodigen ook uit tot optellen. Wat permanent draait hoort vast aangesloten, niet op een stekker.
Waar het misgaat. P5 het klepje · P10 de trimmer op maaihoogte · P12 grond die stijgt · P19 het permanente apparaat op een stekker · P21 Nederlands materiaal in een Franse installatie · P22 het verlengsnoer
Waar dit op berust. N2 · N5 · N6 gespecialiseerde circuits · N7 · N21
Klaar? Noteer de groep en het beschermingsniveau. Controleer het klepje elk voorjaar.
A4 · Terras of pergola met licht en stroom
Voordat u begint. Dit is meer ontwerpwerk dan montage: bepaal eerst waar het licht en de stroom moeten komen, de rest volgt daaruit.
Wat u gaat maken. Verlichting en één of meer aansluitpunten op een terras of onder een overkapping.
De valstrik: een pergola voelt als binnen en is het niet. Regen komt schuin, en een houten constructie werkt en scheurt. Materiaal dat onder een afdak hangt staat aan andere invloeden bloot dan materiaal in de volle regen, maar niet aan géén invloeden.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaand buitenpunt dat u wilt uitbreiden. Controleer eerst of de bestaande groep de extra belasting aankan.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| goulotte, moulure | |
| voor opbouw | conduit IRL |
| boîte de dérivation étanche | |
| Armaturen | appliques, spots, guirlande guinguette |
Zo doet u het
- Teken de indeling: waar licht, waar stroom, waar de schakelaar.
- Bepaal de route langs de constructie, zoveel mogelijk uit het zicht en uit de zon.
- Bevestig buis of goot met ruimte voor werking van het hout.
- Trek de bedrading, houd overlengte bij elk aftakpunt.
- Sluit aan, test, en controleer alle afdichtingen.
Waar het misgaat. P3 condens · P14 UV op materiaal dat er niet tegen kan · P17 gedimensioneerd op vandaag · P18 alles op één groep
Waar dit op berust. N5 · N6 · N7 · N18
Klaar? Maak een foto van de bedrading vóór u afdekplaten monteert.
A5 · Gevelverlichting op een oud of beschermd pand
Voordat u begint. De hoofdvraag hier is niet elektrisch maar administratief: staat uw gevel in of bij een beschermd gebied, dan regelt u eerst de vergunning.
Wat u gaat maken. Verlichting aan of op een gevel die onder erfgoedbescherming valt of in de nabijheid van een monument ligt.
De valstrik: mensen denken dat alleen het monument zelf beschermd is. De bescherming strekt zich uit tot de omgeving ervan, en uw huis kan daaronder vallen zonder dat het zelf iets bijzonders is.
Wat u eerst uitzoekt
Werkzaamheden die het uiterlijk aanzicht kunnen wijzigen van een onroerend goed dat als abords van een monument historique is beschermd, zijn onderworpen aan een voorafgaande vergunning waarvoor de instemming van de architecte des Bâtiments de France nodig is. Een zichtbaar armatuur aan een gevel valt daaronder. Een ondergrondse kabel in de tuin doorgaans niet.
Er zijn twee regimes. Binnen een afgebakende perimeter zijn alle werken aan beschermde onroerende goederen onderworpen. Bestaat die perimeter niet, dan geldt de instemming alleen voor gebouwen die in het zichtveld van het monument liggen en op minder dan vijfhonderd meter afstand. Omdat het overgrote deel van de monuments historiques nog geen afgebakende perimeter heeft, geldt in de praktijk meestal die tweede toets.
Reken op één maand voor een déclaration préalable en twee maanden voor een vergunning. Zonder instemming van de ABF wordt de vergunning niet verleend, en tegen een weigering staat beroep open.
Zo doet u het
- Vraag bij de mairie of uw perceel binnen een beschermingsperimeter valt.
- Zo ja, of bij twijfel: leg uw plan voor voordat u iets koopt.
- Bespreek liever vooraf met de ABF wat wel kan dan achteraf te horen wat niet mocht.
- Pas daarna de elektrische uitvoering volgens A1.
Waar het misgaat. Niet elektrisch, maar administratief: mensen monteren eerst en vragen daarna. Terugdraaien is duur.
Waar dit op berust. N19 beschermd erfgoed · N18 licht en buren · N7
Klaar? Bewaar de vergunning bij de papieren van het huis.
A6 · Een buitenkraan of leiding vorstvrij houden
Voordat u begint. Dit vraagt een bestaand, geaard buitenpunt om vanaf te werken. Is dat er niet, regel dat dan eerst.
Wat u gaat maken. Elektrische vorstbeveiliging op een leiding of die 's winters bevriest.
De valstrik: een is een permanente verbruiker. Wie hem op een stekker zet en de stekker in een tijdelijk punt, heeft in februari niets. Zie P19.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans | Let op |
|---|---|---|
| Verwarmingslint | câble chauffant | zoek in de winkel op "hors gel", niet op "antigel"; dat laatste is geen winkelwoord |
| Regeling | régulateur, thermostat d'ambiance programmable | geen eigen rubriek: wordt binnen dezelfde rubriek câble chauffant verkocht, niet als losse "thermostat antigel" |
| over het lint | isolant, manchon isolant |
Zo doet u het
- Kies een lint dat geschikt is voor de leidingsoort en de lengte.
- Leg het volgens het voorschrift van de fabrikant aan, meestal recht of in spiraal.
- Breng de isolatie aan over het lint, niet eronder.
- Sluit aan op een punt dat de hele winter beschikbaar blijft.
Waar het misgaat. P19 het permanente apparaat op een stekker · P14 UV · P23 binnenmateriaal buiten gebruikt
Waar dit op berust. N5 · N6 · N7 · N15 type F en type B, want sommige regelingen zijn elektronisch
Klaar? Test in het najaar, niet bij de eerste vorst.
Groep B · In de tuin
B1 · Stroom naar een punt in de tuin
Dit is de basisklus. C1, D1, D5 en E1 bouwen erop voort.
Voordat u begint. Dit is de eerste klus in dit dossier waarbij een fout duur wordt: eenmaal begraven is een kabel niet zomaar te corrigeren. De lastigste stap is niet technisch maar bestuurlijk: uitzoeken wat er al in de grond ligt, vóór u gaat graven.
Wat u gaat maken. Een vast, geaard aansluitpunt op enige afstand van het huis, gevoed vanuit de meterkast, met de kabel onder de grond.
De valstrik zit niet in de kabel maar in de vraag ervoor. De meeste mensen bepalen wat ze vandaag nodig hebben, één stopcontact voor de maaier, en graven daarna een sleuf die ze nooit meer opengooien. Over tien jaar hangt er een , een pompje en een terrasverwarmer aan hetzelfde punt. De kabel is bij deze klus het goedkoopste onderdeel en het duurste om te vervangen.
Wat u kunt aantreffen. Een meterkast zonder vrije ruimte. Een oude kast zonder differentieelbeveiliging. Bestaande leidingen van uzelf of van derden die uw perceel kruisen. Dat laatste zoekt u uit voordat u begint.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans | Let op |
|---|---|---|
| Installatiekabel | câble U-1000 R2V | sectie volgt uit belasting en lengte |
| Mantelbuis | gaine TPC rouge | diameter afgestemd op de kabel |
| grillage avertisseur rouge | rol van 100 m | |
| Ondergrondse verbinding | trousse de jonction coulée | tweecomponentenhars |
| Wartel | presse-étoupe | maat op de kabeldiameter |
| Aansluitpunt | prise étanche, bloc multiprise étanche | type E of hybride |
| Beveiliging | disjoncteur, interrupteur différentiel 30 mA | in de meterkast |
| Verder | sable, aiguille de tirage | zandbed en |
Zo doet u het
- Bepaal wat er komt te hangen. Tel het vermogen van alles wat u ooit tegelijk wilt gebruiken. Dat bepaalt de kabelsectie en de groep.
- Kijk wat er al ligt. Raadpleeg het téléservice reseaux-et-canalisations.ineris.fr om te zien welke netbeheerders op uw perceel actief zijn. Dat kost niets en duurt een paar minuten. Zie N21 voor wat u met de uitkomst moet.
- Zet het tracé uit en loop het na op water, gas, telecom, drainage en de wortelzone van bomen.
- Maak de groep vrij in de meterkast. Een eigen groep achter een 30 mA differentieelbeveiliging, zodat een storing buiten de rest van het huis niet meeneemt.
- Graaf de sleuf en leg een zandbed op de bodem, zodat de buis niet op scherpe stenen ligt.
- Leg de buis met een trekveer erin. Leg meteen een tweede lege buis mee. De sleuf is toch open en dit is de enige keer dat het bijna niets kost.
- Trek de kabel en houd aan beide uiteinden ruime overlengte. Genoeg om een verbinding een tweede keer te kunnen maken zonder ergens aan te trekken.
- Leg het waarschuwingsnet boven de buis.
- Fotografeer het open tracé met een erbij voordat u dichtgooit. Dit is de enige stap die u later niet kunt inhalen.
- Vul aan en stamp aan in lagen.
- Monteer het aansluitpunt op hoogte volgens A3.
- Sluit aan, meet en test de differentieelbeveiliging.
- Teken het tracé en leg het bij de papieren van het huis.
Over de diepte, en waarom iedereen wat anders zegt
Zoekt u op internet naar de diepte van een tuinkabel, dan vindt u veertig, vijftig, zestig, vijfenzestig, zeventig, vijfentachtig, negentig centimeter en een hele meter, allemaal met dezelfde norm erbij. Dat komt doordat drie verschillende dingen door elkaar lopen.
De norm voor uw eigen installatie geeft een minimum. Het besluit voor de aansluitwerken van het net geeft andere waarden. En handelaren en leggen daar een marge bovenop, omdat een kabel die te ondiep ligt hun probleem wordt en niet dat van de norm.
Wat er in de norm staat leest u in N4. Belangrijker dan het getal is de reden: de diepte beschermt de kabel tegen grondzetting en tegen gereedschap. Wie in mantelbuis werkt, beschermt hem op een andere manier, en de norm erkent dat uitdrukkelijk.
De verbinding onder de grond
Wie langer moet dan zijn rol kabel, of wie aftakt, komt bij een verbinding uit. Vul daarvoor nooit een gewone aftakdoos met hars: dan is het geen doos meer maar een blok. Gebruik een echte gietmof, die daarvoor is gemaakt, en beschouw hem als eenmalig. Dat betekent dat u er lus voor en lus achter bij houdt, zodat een opvolger de mof kan vervangen zonder opnieuw te graven.
De klem in die mof is uw zwakste schakel en zit straks in de hars. Draai aan, trek aan elke ader om te controleren, en giet pas daarna. Let op de verwerkingstemperatuur van de hars; een natte sleuf in november is niet de schuur.
Waar het misgaat. P1 de buis als goot · P4 de buis staat periodiek onder water · P6 de klem die losliep · P7 de verbinding die u niet meer kunt openen · P8 de reparatie die pas na drie jaar blijkt te zijn mislukt · P11 de paal die u door uw eigen kabel slaat · P15 te krap afgeknipt · P16 de sleuf zonder reservebuis · P24 niet vastgelegd waar het ligt
Waar dit op berust. N3 branchement versus privé-installatie · N4 kabels onder de grond · N5 dertig milliampère · N7 materiaal en omgeving · N10 conformiteitsattest · N21 wat u zelf mag doen
Klaar? Controleren en vastleggen. Test de differentieelbeveiliging. Berg de foto's en de tekening op bij de papieren van het huis. Noteer waar de tweede lege buis begint en eindigt: die is over vijf jaar meer waard dan de eerste.
B2 · Verlichting langs een pad of oprit op 230 volt
Voordat u begint. Dit bouwt voort op B1: zonder die stroomtoevoer naar de tuin heeft deze klus geen basis.
Wat u gaat maken. Een reeks armaturen langs een pad, gevoed vanuit één circuit.
De valstrik: mensen leggen eerst de kabel en bepalen daarna de posities. Doe het omgekeerd, want elk armatuur is een aftakking en elke aftakking is een verbinding die u liever niet begraaft.
Wat u kunt aantreffen. Bestaande of paaltjes van een vorige eigenaar, met onbekende bedrading. Zie F2 en F3.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Tuinarmatuur | borne d'éclairage extérieur |
| Kabel | câble U-1000 R2V |
| Aftakmof | trousse de jonction coulée |
| Schakeling | interrupteur crépusculaire, horloge, minuterie |
Zo doet u het
- Zet de posities van de armaturen uit met stokjes en kijk er 's avonds naar.
- Bepaal het tracé zo dat de kabel langs alle punten komt.
- Volg B1 voor sleuf, buis en kabel.
- Maak elke aftakking op een plek die u later kunt terugvinden.
- Sluit aan op één circuit met een eigen beveiliging.
- Regel de schakeling: schemerschakelaar, klok of beide.
Over lichthinder. Verlichting langs een oprit valt onder een aparte Franse regeling tegen lichtvervuiling, met eisen per categorie. Belangrijker voor u is het burenrecht: wie hinder veroorzaakt die de normale ongemakken van nabuurschap overschrijdt, is van rechtswege aansprakelijk, ook wanneer hij alle publiekrechtelijke regels naleeft. Richt armaturen naar beneden en niet over de erfgrens. Zie N18.
Waar het misgaat. P1 · P10 de trimmer · P13 wortelgroei · P17 gedimensioneerd op vandaag · P20 de aftakking die is begraven · P24
Waar dit op berust. N4 · N5 · N7 · N18
Klaar? Loop een avond langs en kijk of het licht doet wat u wilde en niet meer dan dat.
B3 · Tuinverlichting op 12 of 24 volt
Voordat u begint. Van alle manieren om licht in de tuin te krijgen is dit de veiligste: maakt een fout minder gevaarlijk.
Wat u gaat maken. Een laagspanningssysteem met een voeding bij het huis en een kabel naar de armaturen.
De valstrik: laagspanning voelt risicoloos en is dat niet helemaal. De voeding heeft een 230 volt-zijde, en die zit meestal buiten. Bovendien speelt spanningsval bij lage spanning veel sterker: een lange dunne kabel geeft aan het eind een lamp die zichtbaar minder doet.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaande transformator met onbekend vermogen. Tel de lampen die u wilt aansluiten op en vergelijk dat met wat er op de voeding staat.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Voeding | transformateur, alimentation TBT |
| Kabel laagspanning | câble d'alimentation basse tension jardin |
| Armaturen | spots, bornes, projecteurs 12 V |
| Verbindingen | connecteurs étanches |
Zo doet u het
- Tel het totale vermogen van de armaturen en kies de voeding ruim.
- Plaats de voeding beschut en bereikbaar, met de 230 volt-zijde volgens A3.
- Leg de laagspanningskabel; ingraven mag ondieper dan bij 230 volt, maar de trimmer kent het verschil niet.
- Sluit de armaturen aan met waterdichte verbindingen.
- Controleer aan het verste punt of het licht nog doet wat het moet.
Waar dit op berust. N12 zeer lage spanning · N7 · N14 als het systeem autonoom is
Let op: de norm voor TBT-verlichting geldt voor systemen gevoed door bronnen tot 50 volt wisselspanning en 120 volt gelijkspanning. Dat is het toepassingsgebied van een norm, geen algemene toestemming om die spanningen overal te gebruiken.
Waar het misgaat. P9 de aarde die u denkt te hebben, hier: de aannemende gedachte dat laagspanning geen enkel risico kent · P10 · P14
Klaar? Meet aan het verste armatuur en noteer wat u vindt.
B4 · Grondspots bij een boom of gevel
Wat u gaat maken. In de grond verzonken armaturen die omhoog schijnen.
De valstrik: een grondspot ligt per definitie op het laagste punt en vult zich met water, bladeren en aarde. Dit is de armatuurvorm die het snelst opgeeft.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Grondspot | spot encastré de sol, spot extérieur enterré |
| Drainage onder de spot | lit de gravier |
| Verbinding | connecteur étanche, trousse de jonction coulée |
Zo doet u het
- Kies een plaats waar water weg kan, niet in een kuil of langs een gootlijn.
- Maak een grindbed onder de spot, zodat het water eronder wegloopt.
- Leg de kabel volgens B1 of B3, afhankelijk van de spanning.
- Monteer de spot iets boven het maaiveld, niet erin, zodat aarde en blad er niet overheen spoelen.
- Controleer de dichtingen voordat u afwerkt.
Waar het misgaat. P2 de waterdichte doos die niet kan afwateren · P4 · P12 grond die stijgt · P13 wortelgroei
Waar dit op berust. N7 · N12 · N18. Een spot die tegen een boom schijnt, schijnt ook de lucht in en mogelijk in het raam van de buren.
Klaar? Kijk na de eerste stevige regenbui of er water in staat.
B5 · Een werkplek onder de bomen
Voordat u begint. De keuze tussen ingraven en zichtbaar leggen hangt af van de boomwortels op uw perceel, niet van smaak — zie hieronder.
Wat u gaat maken. Een vast aansluitpunt op een plek in de tuin zonder gebouw: onder een boom, bij een moestuin, aan een buiten.
De valstrik: dit voelt als een tijdelijke voorziening en wordt behandeld als een verlengsnoer. Als u er jaren gebruik van maakt, is het een vaste installatie en verdient het die uitvoering.
Bijzondere overweging: bomen. Onder bomen is ingraven vaak onverstandig en soms onmogelijk. Wortels kruisen uw tracé, u komt op de meeste plekken niet op diepte, en wat een boom over tien jaar met een buis doet weet niemand.
Zichtbaar leggen is dan een verdedigbaar alternatief. Wat u ziet, raakt u niet per ongeluk met een . Maar zichtbaar heeft eigen zwaktes die niemand noemt: onderaan de bomen zit de trimmer, en materiaal in de zon veroudert. Voor zichtbare aanleg langs een muur of hek is IRL-buis of een goot de gebruikelijke route, en dat is een ander materiaalverhaal dan ondergronds.
Zo doet u het
- Kies tussen ingraven en zichtbaar leggen op grond van de bodem en de beplanting, niet op grond van esthetiek alleen.
- Bij ingraven: volg B1.
- Bij zichtbaar leggen: bevestig buis of goot op een hoogte die buiten het maaibereik valt, en houd rekening met werking van het hout.
- Monteer het aansluitpunt volgens A3.
Waar het misgaat. P10 de trimmer · P11 de paal · P13 wortelgroei · P14 UV · P22 het verlengsnoer dat het niet bleef
Waar dit op berust. N3 · N4 · N5 · N6 · N7
Klaar? Leg vast welke route u heeft gekozen en waarom.
B6 · Beregening en tuinpomp
Voordat u begint. De elektrische kant hoort bij B1: zonder die stroomtoevoer begint u niet aan de pomp.
Wat u gaat maken. Een vaste voeding voor een pomp of een beregeningsautomaat.
De valstrik: een pomp is geen lamp. Hij start met een aanloopstroom, hij draait onbewaakt, en moderne pompen hebben vaak een elektronische regeling. Dat laatste bepaalt welk type differentieelbeveiliging past.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans | Let op |
|---|---|---|
| Pomp | pompe de surface | in de winkel onder Jardin et piscine; geen aparte tuinpomp-rubriek naast het zwembadmateriaal |
| coffret étanche | ||
| Programmeur | programmateur d'arrosage | niet bij de elektrogroothandel: dit hoort bij de tuincentrum- of beregeningsspecialist |
| Beveiliging | disjoncteur, différentiel |
Zo doet u het
- Lees de technische documentatie van de pomp: vermogen, aanloopstroom, en of de fabrikant een bepaald type differentieelbeveiliging voorschrijft.
- Voorzie een eigen circuit; een pomp die de rest meeneemt bij een storing is hinderlijk en bij afwezigheid duur.
- Plaats de beveiligingskast beschut en boven waterniveau.
- Sluit aan en test onder belasting, niet onbelast.
Waar dit op berust. N6 gespecialiseerde circuits · N7 · N15 type F en type B · N8
Over N15: fabrikantendocumentatie beschrijft dat circuits met bepaalde eenfasige frequentieregelaars een type F-differentieelbeveiliging vragen. Dat betekent niet dat elke pomp dat nodig heeft. Bepalend is het apparaat en zijn regeling, en dus de documentatie ervan.
Waar het misgaat. P17 · P18 alles op één groep · P19
Klaar? Noteer merk, type en het voorgeschreven beveiligingstype van de pomp.
B7 · Een put- of bronpomp
Voordat u begint. Dit is zwaarder dan B6: de combinatie van water, diepte en elektriciteit vraagt meer voorbereiding dan een gewone tuinpomp.
Wat u gaat maken. Voeding en beveiliging voor een dompel- of bronpomp.
De valstrik: de pomp zit onder water en de bedrading komt daaruit omhoog. Alles hangt op de kwaliteit van de doorvoer en op een deugdelijke aarding.
Zo doet u het
- Volg de installatievoorschriften van de pompfabrikant; die gaan hier vóór algemene adviezen.
- Voorzie een eigen circuit met de voorgeschreven beveiliging.
- Zorg voor een aardverbinding en controleer die met een meting.
- Plaats de schakelkast boven het hoogst denkbare waterniveau.
- Voorzie een duidelijk bereikbare afschakelmogelijkheid.
Waar dit op berust. N6 · N7 · N8 · N15
Waar het misgaat. P2 · P4 · P9
Klaar? Noteer de plaats van de afschakeling zo dat een ander hem ook vindt.
B8 · Vijver- of fonteinpomp
Wat u gaat maken. Voeding voor een pomp of fontein in een vijver.
De valstrik: veel mensen weten niet dat de zwembadnorm hier meespeelt. De bijzondere norm voor zwembaden geldt uitdrukkelijk ook voor de bassins van fonteinen met de volumes eromheen, en voor natuurlijke wateren die voor zwemmen worden gebruikt.
Zo doet u het
- Stel vast waar het bassin begint en eindigt, en welke ruimte eromheen als beschermingszone geldt.
- Kies waar mogelijk laagspanning volgens B3.
- Plaats de voeding en het schakelmateriaal buiten de zone.
- Gebruik waterdichte verbindingen en controleer ze jaarlijks.
Waar dit op berust. N11 het zwembad als aparte omgeving · N12 · N7
Let op: de beschermingsvolumes rond een bassin zijn in dit dossier niet primair geverifieerd. Dit dossier geeft daar bewust geen maten voor. Zie het openstaande punt bij N11.
Waar het misgaat. P4 · P9 · P14
Klaar? Test de differentieelbeveiliging na installatie en aan het begin van elk seizoen.
B9 · Buitenkeuken of barbecuehoek
Voordat u begint. Dit bouwt voort op A3 en B1: het stopcontact en de stroomtoevoer moeten er al zijn.
Wat u gaat maken. Een of meer aansluitpunten bij een vaste buitenkeuken.
De valstrik: hier komt zwaar spul te staan. Een koelkast, een inductieplaat, een oven, soms alles tegelijk. Dit is geen stopcontact maar een keukeninstallatie die toevallig buiten staat.
Zo doet u het
- Tel het vermogen van alle apparaten die er ooit staan.
- Voorzie gespecialiseerde circuits voor de grote verbruikers.
- Plaats het schakelmateriaal beschut en bereikbaar.
- Denk aan de winter: wat blijft staan en wat gaat naar binnen.
Waar dit op berust. N5 · N6 · N7 · N18
Waar het misgaat. P17 · P18 · P19 · P23
Klaar? Noteer de groepsindeling bij de meterkast.
B10 · Een tuinhuisje op zonne-energie
Voordat u begint. Dit is een van de weinige klussen in dit dossier zonder aansluiting op het net van het huis: het paneel en de staan op zichzelf.
Wat u gaat maken. Een autonome installatie met paneel, regelaar, accu en verbruikers, niet aangesloten op het openbare net.
De valstrik: netloos betekent niet regelloos. Voor installaties gevoed door een autonome bron van minder dan 6 kVA die niet op het net zijn aangesloten, verwijst de woningnorm naar een eigen bijlage. Een accu-installatie kent bovendien eigen risico's die een netinstallatie niet heeft: kortsluitstromen bij gelijkstroom zijn hoog en een accu kan niet worden uitgeschakeld.
Zo doet u het
- Bepaal het verbruik en dimensioneer paneel, regelaar en accu daarop.
- Voorzie beveiliging aan de gelijkstroomzijde, niet alleen aan de wisselstroomzijde.
- Plaats de accu geventileerd, vorstvrij en bereikbaar.
- Voorzie een duidelijke hoofdafschakeling en markeer die.
Waar dit op berust. N14 autonome bronnen · N8 · N7
Openstaand: de inhoud van de bijlage voor autonome bronnen is niet gecontroleerd. Wat hier staat is algemene goede praktijk, geen normweergave.
Waar het misgaat. P9 · P14 · P23
Klaar? Markeer de hoofdafschakeling zichtbaar, ook voor hulpdiensten.
Groep C · Bijgebouwen
C1 · Stroom naar schuur, atelier of garage
Kernklus. Bouwt voort op B1.
Voordat u begint. De aanleg naar het bijgebouw kunt u zelf doen. De aansluiting in de meterkast en de keuze van de kabeldoorsnede zijn het punt waarop de meeste mensen iemand erbij halen.
Wat u gaat maken. Een voeding naar een los gebouw, met een eigen daar.
De valstrik: dit is geen lange verlengkabel. Een bijgebouw met eigen verdeelkast is een tweede installatie, met eigen beveiliging, eigen aarding en eigen keuzes. Wie het als tuinkabel behandelt, komt er niet.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaand bijgebouw met oude bedrading van onbekende herkomst. Doe F3 voordat u iets aansluit.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Voedingskabel | câble U-1000 R2V, sectie volgt uit belasting en lengte |
| Mantelbuis | gaine TPC rouge |
| Verdeelkast | coffret modulaire (logement of étanche, niet tableau divisionnaire) |
| Beveiliging in het huis | disjoncteur de tête |
| Aarding | piquet de terre, conducteur de protection |
Zo doet u het
- Bepaal het vermogen. Verlichting, stopcontacten, machines, misschien . Tel op wat tegelijk kan draaien.
- Bepaal de sectie. Over afstand speelt spanningsval mee: een sectie die voor tien meter volstaat, doet dat voor vijftig meter niet. Zie het openstaande punt hieronder.
- Volg B1 voor tracé, sleuf, buis, kabel, waarschuwingsnet en vastlegging.
- Plaats de verdeelkast in het bijgebouw, bereikbaar en droog.
- Regel de aarding. Zie C4.
- Sluit aan in de meterkast met een eigen beveiliging voor de hele tak.
- Test alle circuits en de differentieelbeveiliging aan beide zijden.
Openstaand punt. De toegestane spanningsval en de bepalingsmethode staan in de norm, maar zijn in dit dossier niet primair gecontroleerd. Reken de sectie niet op gevoel uit en laat hem narekenen als u twijfelt. Bij twijfel geldt: koper is bij aanleg het goedkoopste onderdeel van de hele klus en het duurste om achteraf te vervangen.
Wanneer Consuel. Een bijgebouw aansluiten op een bestaande installatie is meestal geen nieuwe aansluiting. Wordt het een eigen aansluiting op het net, of gaat de installatie voor de werken spanningsloos, dan komt N10 in beeld.
Waar het misgaat. P1 · P6 · P9 · P15 · P16 · P17 gedimensioneerd op vandaag · P18 · P24
Waar dit op berust. N3 · N4 · N5 · N6 · N7 · N8 · N10 · N21
Klaar? Teken de installatie in het bijgebouw en hang de tekening in de kast.
C2 · Een verdeelkast in het bijgebouw
Voordat u begint. Dit bouwt voort op C1: zonder de voedingskabel naar het bijgebouw is er niets om de verdeelkast op aan te sluiten.
Wat u gaat maken. De verdeling van de voeding over circuits in het bijgebouw.
De valstrik: te weinig ruimte. Een kast die precies past bij wat u vandaag nodig heeft, is over drie jaar vol. Neem er een met vrije modules.
Zo doet u het
- Deel in: verlichting apart, stopcontacten apart, zware machines apart.
- Kies een kast met ruimte voor uitbreiding.
- Voorzie differentieelbeveiliging conform de indeling.
- Markeer elk circuit leesbaar en duurzaam, niet met balpen op tape.
- Hang een schema in of bij de kast.
Waar dit op berust. N5 · N6 · N7 · N8
Waar het misgaat. P6 · P17 · P18 · P24
Klaar? Fotografeer de kast met het schema erbij.
C3 · Poolhouse of zomerkeuken
Voordat u begint. Dit bouwt voort op C1 en C2. Let daarnaast op de ligging: een keuken of poolhouse dicht bij water of vocht stelt andere eisen aan het materiaal.
Wat u gaat maken. Een bijgebouw bij het zwembad met verlichting, stroom en soms techniek.
De valstrik: de ligging bij het bassin. Zodra een gebouw of een deel ervan binnen de beschermingszone van het zwembad valt, gelden daar andere eisen dan in een schuur verderop.
Zo doet u het
- Stel eerst vast waar de zone rond het bassin ophoudt. Zie E1 en N11.
- Volg C1 en C2 voor de voeding en de verdeling.
- Houd schakelmateriaal en verdeelkast buiten de zone.
- Kies materiaal op de werkelijke blootstelling: een poolhouse is vochtiger dan een schuur.
Waar dit op berust. N11 · N6 · N7 · N8
Waar het misgaat. P3 condens · P4 · P23
Klaar? Noteer waar de zonegrens loopt, ook voor een volgende eigenaar.
C4 · De aarding van een los bijgebouw
Voordat u begint. De uitvoering is eenvoudig; welke aardingskeuze u maakt — een eigen aardelektrode of de beschermingsgeleider vanuit de woning meevoeren — is het lastige deel.
Wat u gaat maken. Een deugdelijke aardverbinding voor de installatie in het bijgebouw.
De valstrik: dit is het punt waar veel zelf aangelegde bijgebouwen tekortschieten. Er loopt een kabel naartoe met verlichting en stopcontacten, en de aarde is er nooit goed gekomen.
Wat de norm vraagt. De installatie van een woning omvat een aardelektrode, een aardingsinstallatie, een hoofdaardklem, beschermingsgeleiders en een hoofdequipotentiaalverbinding, met beveiligingen door automatische uitschakeling afgestemd op het aardingsstelsel.
Openstaand punt. Of u voor een bijgebouw de beschermingsgeleider vanuit de woning meevoert dan wel ter plaatse een eigen aardelektrode aanlegt, en welke voorwaarden daarbij gelden, is in dit dossier niet primair vastgesteld. Dit is een van de plekken waar dit dossier u geen antwoord geeft en waar u een vakman of de normtekst nodig heeft. Wat vaststaat is dat er een deugdelijke aardverbinding moet zijn en dat u die moet kunnen meten.
Zo doet u het
- Bepaal in overleg welke route u kiest.
- Voer uit en meet de aardverspreidingsweerstand.
- Noteer de meetwaarde en de datum.
Waar dit op berust. N8 aarding en equipotentiaal · N5
Waar het misgaat. P9 de aarde die u denkt te hebben
Klaar? Bewaar de meetwaarde. Zonder meting weet u het niet.
C5 · Verwarming of vorstwacht in een bijgebouw
Voordat u begint. Dit bouwt voort op C1 en C2: zonder de aanleg en de verdeelkast in het bijgebouw is er niets om de verwarming op aan te sluiten.
Wat u gaat maken. Elektrische verwarming of vorstbeveiliging in een schuur, atelier of technische ruimte.
De valstrik: verwarming is een zware, langdurige belasting op een tak die vaak op de kleinste sectie is aangelegd. Reken na of de voeding het aankan voordat u iets ophangt.
Zo doet u het
- Bepaal het vermogen en controleer het tegen de voeding uit C1.
- Voorzie een eigen circuit met de juiste beveiliging.
- Kies een regeling die past bij het doel: vorstvrij houden is iets anders dan verwarmen.
- Let bij elektronisch geregelde apparatuur op het voorgeschreven type differentieelbeveiliging.
Waar dit op berust. N6 · N7 · N15
Waar het misgaat. P17 · P18 · P19
Klaar? Noteer het opgenomen vermogen bij de kast.
Groep D · Toegang, beveiliging en mobiliteit
D1 · Een elektrische toegangspoort
Voordat u begint. De voeding kunt u zelf aanleggen. De afstelling van de veiligheidsfuncties — de beknellingsbeveiliging vooral — is specialistenwerk.
Wat u gaat maken. Voeding en besturing voor een gemotoriseerde poort aan de oprit.
De valstrik: dit is geen elektrische klus met een poort eraan, maar een bewegende constructie met een motor. De risico's zitten in beknelling en in wat er gebeurt als de stroom uitvalt.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaande poort met verouderde besturing. Vervang niet alleen de motor: de veiligheidsvoorzieningen zijn het deel dat telt.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Motorisering | motorisation de portail |
| Voeding | câble U-1000 R2V in gaine TPC |
| Beveiliging | cellules photoélectriques, barre palpeuse |
| Signalering | clignotant |
| Bediening | télécommande, clavier codé, interphone |
Zo doet u het
- Volg B1 voor het tracé naar de poort. Leg meteen extra lege buis voor intercom, camera en verlichting.
- Monteer de motorisering volgens het voorschrift van de fabrikant.
- Installeer en test de beknellingsbeveiliging, niet alleen op papier maar in de praktijk.
- Regel een noodopening en oefen die één keer. Zie D6.
- Sluit aan op een eigen circuit.
Over de regels. De Franse bouwcode stelt expliciete veiligheidseisen aan automatische garagepoorten in woongebouwen: de beweging moet onmiddellijk stoppen wanneer die iemand kan verwonden, en de automatische werking moet worden onderbroken als het veiligheidssysteem defect is. Die bepalingen gaan over garagepoorten en mogen niet zonder meer op een losse opritpoort worden toegepast.
Wat er precies wél geldt voor een opritpoort bij een woning, is in dit dossier niet uitgezocht. Vermoedelijke route: de productwetgeving met CE-markering en de bijbehorende Europese normen. Behandel de eisen uit de bouwcode intussen als de ondergrens die u zichzelf oplegt, want de risico's zijn dezelfde.
Waar het misgaat. P1 · P11 de paal die u door uw eigen kabel slaat, en bij een poort slaat u palen · P16 de sleuf zonder reservebuis · P24
Waar dit op berust. N4 · N5 · N6 · N17 automatische poorten · N21
Klaar? Oefen de noodopening en leg uit waar het sleuteltje ligt.
D2 · Intercom en videofoon
Voordat u begint. Dit veronderstelt dat de lege buis voor bekabeling al ligt — meestal aangelegd tijdens D1.
Wat u gaat maken. Een spreek- of beeldverbinding tussen de poort en het huis.
De valstrik: dit is , maar de kabel ligt in dezelfde sleuf als de sterkstroom. Daar gelden afstands- en scheidingsregels voor.
Zo doet u het
- Gebruik de reservebuis uit D1, of leg een eigen buis.
- Houd afstand tot de sterkstroomkabel of zorg voor een scheiding.
- Monteer het buitendeel beschut tegen directe regen en tegen tegenlicht.
- Test het beeld op verschillende momenten van de dag.
Waar dit op berust. N4 afstand tot andere leidingen · N7. Voor de nabijheid van zwakstroom en sterkstroom in het algemeen geldt een aparte bepaling in de norm die in dit dossier niet primair is gecontroleerd.
Waar het misgaat. P1 · P14 · P16
Klaar? Noteer welke buis welk signaal draagt.
D3 · Camera's en wifi in de tuin
Wat u gaat maken. Voeding en dataverbinding voor camera's of een accesspoint buiten.
De valstrik: camera's worden vaak gevoed via de datakabel. Dat is elektrisch eenvoudig maar de kabel is niet gemaakt om jarenlang in de zon of in de grond te liggen. Kies materiaal dat voor buiten is bedoeld.
Zo doet u het
- Bepaal de posities en de kijkrichtingen voordat u boort.
- Leg de datakabel in eigen buis, met afstand tot de sterkstroom.
- Voed het geheel vanaf een punt binnen, zodat de voeding droog staat.
- Voorzie een afschakelmogelijkheid.
Over uw buren. Een camera die het openbare terrein of het perceel van de buren in beeld brengt, raakt hun privacy. Dit dossier gaat daar niet over, maar het is de klacht die het vaakst volgt op deze klus.
Waar dit op berust. N4 · N7 · N12
Waar het misgaat. P14 UV · P16 · P23
Klaar? Noteer waar de opnames terechtkomen en wie erbij kan.
D4 · Poortverlichting en een verlicht huisnummer
Wat u gaat maken. Verlichting bij de toegang, meestal op laagspanning of op zonne- energie.
De valstrik: dit brandt de hele nacht en staat dicht bij de weg en bij de buren. Zie N18.
Zo doet u het
- Kies laagspanning of autonoom waar dat kan; zie B3 en B10.
- Richt naar beneden, niet naar de weg of over de erfgrens.
- Voorzie een schakeling die de brandtijd begrenst.
Waar dit op berust. N7 · N12 · N18
Klaar? Kijk 's nachts vanaf de weg en vanaf de erfgrens.
D5 · Een laadpunt op de oprit of in de carport
Voordat u begint. De sleuf en de buis kunt u zelf aanleggen. De aansluiting en de instelling van het laadpunt zijn niet zomaar iets dat u er zelf bij doet.
Wat u gaat maken. Een vast laadpunt voor een elektrische auto.
De valstrik: dit is de zwaarste permanente belasting die u aan de installatie toevoegt, en hij draait uren achtereen. Wat voor een stopcontact volstaat, volstaat hier niet.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Laadpunt | borne de recharge AC, |
| Goedkoper alternatief | prise renforcée pour véhicule électrique |
| Voeding | câble U-1000 R2V, sectie volgens vermogen en lengte |
| Beveiliging | disjoncteur dédié, différentiel du type prescrit |
Zo doet u het
- Bepaal het laadvermogen en controleer of uw aansluiting dat aankan naast het bestaande verbruik.
- Volg B1 voor het tracé.
- Voorzie een gespecialiseerd circuit.
- Laat de aansluiting en de instelling doen door iemand die met laadpunten werkt.
Over de regels. De normreeks 2024 bevat een afzonderlijk deel voor de voeding van elektrische voertuigen. Daarin is onder meer vastgelegd dat een gespecialiseerd circuit vereist is voor de voeding van de laadinrichting of de daarvoor bestemde contactdoos. Het vereiste type differentieelbeveiliging is in dit dossier niet primair gecontroleerd en volgt uit die norm en uit de documentatie van het laadpunt.
Waar dit op berust. N13 laadpunt · N5 · N6 · N10 · N21
Waar het misgaat. P17 · P18 · P19
Klaar? Noteer het ingestelde laadvermogen en waarom u dat heeft gekozen.
D6 · De poort open krijgen als de stroom uitvalt
Voordat u begint. Het gaat hier niet om de installatie maar om de oefening: test de noodopening minstens één keer voordat u hem echt nodig heeft.
Waarom deze klus bestaat. Bij storm en stroomuitval staan grote delen van Frankrijk zonder elektriciteit. Bij de storm van begin november 2023 zaten volgens de netbeheerder ongeveer 1,2 miljoen huishoudens zonder stroom, waarvan een groot deel in Bretagne. Wie dan achter een gemotoriseerde poort staat zonder te weten hoe de ontgrendeling werkt, staat vast.
Zo doet u het
- Zoek de handmatige ontgrendeling van uw poortmotor op in de handleiding.
- Voer de handeling één keer uit bij daglicht, met de stroom eraf.
- Berg het sleuteltje of de kruk op een plek die u in het donker vindt, en vertel waar.
- Overweeg een accuback-up als de poort uw enige uitgang is.
Waar dit op berust. N17 · N9 parafoudre, want na een blikseminslag is het niet alleen de stroom die weg is
Waar het misgaat. P24 niet vastgelegd waar het ligt, hier: niemand weet waar de kruk is
Klaar? Vertel het aan iedereen die het huis gebruikt, ook aan huurders en gasten.
Groep E · Het zwembad
Waarschuwing vooraf voor deze hele groep. Een zwembad is elektrisch de gevaarlijkste plek op uw perceel. De norm noemt de reden: in de volumes rond een bassin is het risico op elektrische schok bij normaal gebruik verhoogd, doordat de weerstand van het menselijk lichaam lager is en het contact met aardpotentiaal groter.
De beschermingsvolumes rond een bassin zijn in dit dossier niet primair geverifieerd. Dit dossier geeft daarom geen maten voor die zones en ook geen tekening ervan. Waar afstanden bepalend zijn, staat dat er als open punt. Neem die maten uit de normtekst of van een installateur, niet uit een tuincentrumfolder.
Behandel het zwembad als één keten en niet als losse onderdelen: voeding → beveiligingskast → filtratie → waterbehandeling → verwarming → verlichting → afdekking → automatisering. De klussen hieronder volgen die volgorde; beoordeel de pomp dus niet los van de apparatuur die ervan afhankelijk is.
E1 · Voeding naar het bad en de coffret piscine
Kernklus voor deze groep.
Voordat u begint. Het tracé naar het bad kunt u zelf aanleggen. De indeling van de beschermingszones en de equipotentiaalverbinding zijn het punt waarop u hulp nodig heeft.
Wat u gaat maken. Een voeding vanaf het huis naar een beveiligingskast bij het zwembad, waarvandaan de techniek wordt gevoed.
De valstrik: mensen voeden het zwembad vanaf het dichtstbijzijnde buitenpunt. Bij een zwembad wilt u het omgekeerde: een eigen tak, een eigen beveiliging, en een kast op een plek die u bewust heeft gekozen in plaats van de plek die toevallig het dichtst bij was.
Wat u kunt aantreffen. Een bestaande installatie van een vorige eigenaar. Dit is de plek waar F3 het meest op zijn plaats is: onbekende zwembadelektra beoordeelt u niet op het oog.
Wat u nodig heeft
| Wat | Frans |
|---|---|
| Voedingskabel | câble U-1000 R2V in gaine TPC |
| Beveiligingskast | coffret étanche |
| Beveiliging | disjoncteur, différentiel 30 mA |
| Equipotentiaal | liaison équipotentielle |
Zo doet u het
- Stel vast waar de beschermingszones rond het bassin lopen, vóór u de plaats van de kast kiest.
- Plaats de kast buiten die zones, beschut, bereikbaar en boven het niveau waar water kan komen te staan.
- Volg B1 voor het tracé vanaf het huis.
- Voorzie een eigen tak met eigen beveiliging.
- Breng de equipotentiaalverbinding aan volgens E8.
- Meet, test en noteer.
Wanneer Consuel. Een nieuw circuit naar een zwembad is meestal een uitbreiding en geen nieuwe aansluiting. Gaat de installatie voor de werken spanningsloos of komt er een eigen aansluiting, dan geldt N10.
Waar dit op berust. N11 · N3 · N4 · N5 · N7 · N8 · N10
Waar het misgaat. P1 · P2 · P4 · P9 · P18 · P20
Klaar? Teken waar de zonegrens loopt en waar de kast staat.
E2 · De filtratiepomp aansluiten en beveiligen
Voordat u begint. Dit bouwt voort op E1: zonder de voeding en de beveiligingskast is er niets om de pomp op aan te sluiten.
Wat u gaat maken. Voeding, beveiliging en schakeling van de filtratiepomp.
De valstrik: de pomp staat vaak in een put of een laag technisch hok. Dat is precies de plek waar water komt te staan.
Zo doet u het
- Lees de documentatie van de pomp: vermogen, aanloopstroom, voorgeschreven type differentieelbeveiliging.
- Voed vanuit de coffret uit E1, op een eigen circuit.
- Plaats schakelaars en klokken in de kast, niet los in het hok.
- Zorg dat het technisch hok kan afwateren en ventileren.
- Test onder belasting.
Over type F. Fabrikantendocumentatie beschrijft bij de herziene norm een type F-differentieelbeveiliging voor circuits met bepaalde eenfasige frequentieregelaars, waaronder zwembadpompen. Dat betekent niet dat elke zwembadpomp dat nodig heeft. Bepalend is de regeling van het apparaat en dus de documentatie ervan. Zie N15; dit punt is niet primair geverifieerd.
Waar dit op berust. N11 · N6 · N7 · N15 · N8
Waar het misgaat. P2 · P3 · P4 · P6
Klaar? Noteer merk, type en het beveiligingstype van de pomp in de kast.
E3 · Een warmtepomp voor het zwembad
Voordat u begint. De voeding legt u aan zodra E1 staat. Plaatsing en inbedrijfstelling volgen strikt het voorschrift van de fabrikant, niet uw eigen inschatting.
Wat u gaat maken. Voeding en beveiliging voor een lucht-water bij het bad.
De valstrik: dit is een zware verbruiker die uren draait en die vrijwel altijd elektronisch is geregeld. Twee dingen volgen daaruit: een eigen circuit dat op het werkelijke vermogen is berekend, en aandacht voor het type differentieelbeveiliging.
Zo doet u het
- Lees de technische documentatie: vermogen, aanloopstroom, minimale kabelsectie, voorgeschreven beveiliging.
- Kies de opstelplaats buiten de beschermingszones van het bassin, met de vrije ruimte die de fabrikant vraagt.
- Voed vanuit de coffret op een eigen circuit.
- Neem de unit op in de equipotentiaalverbinding volgens E8 als de fabrikant dat voorschrijft.
- Test onder belasting en luister naar het gedrag bij inschakelen.
Waar dit op berust. N11 · N6 · N7 · N15 · N8
Waar het misgaat. P17 gedimensioneerd op vandaag · P18 · P19
Klaar? Bewaar de documentatie bij de kast, niet in een la binnen.
E4 · Onderwaterverlichting
Voordat u begint. Vervangt u een bestaand armatuur, dan is dit meestal te doen. Legt u onderwaterverlichting voor het eerst aan, dan is dat specialistenwerk.
Wat u gaat maken. Verlichting in of tegen de wand van het bassin.
De valstrik: dit is het enige elektrische materiaal in dit dossier dat permanent onder water staat. Alles hangt op het armatuur zelf, op de doorvoer en op de voeding.
Zo doet u het
- Gebruik uitsluitend materiaal dat de fabrikant voor deze toepassing bestemt.
- Voed op de spanning die het armatuur voorschrijft, met de voeding buiten de zones.
- Voer de kabel zo dat er geen water via de kabelmantel naar de voeding kan lopen.
- Neem het armatuur op in de equipotentiaalverbinding als dat is voorgeschreven.
- Test de differentieelbeveiliging voordat er iemand het water in gaat.
Waar dit op berust. N11 · N12 · N7 · N8
Let op: de norm voor TBT-verlichting geeft het toepassingsgebied tot 50 volt wisselspanning en 120 volt gelijkspanning. Dat is de reikwijdte van die norm, geen algemene toestemming om die spanningen in een bassin te gebruiken. De eisen voor armaturen in en bij het bassin volgen uit de zwembadnorm.
Waar het misgaat. P1 de buis als goot, hier de kabelmantel als goot · P4 · P9
Klaar? Test bij het begin van elk seizoen, vóór het eerste gebruik.
E5 · Een gemotoriseerde afdekking
Voordat u begint. De voeding kunt u zelf aanleggen; de afstelling van de aandrijving volgt het voorschrift van de fabrikant.
Wat u gaat maken. Voeding en besturing voor een rolafdekking of lamellenafdekking.
De valstrik: dit is tegelijk een elektrische klus en een veiligheidsvoorziening tegen verdrinking. De tweede functie is de belangrijkste.
Over de wettelijke plicht. Privézwembaden die geheel of gedeeltelijk zijn ingegraven en niet omsloten, moeten zijn voorzien van ten minste één beveiliging tegen verdrinking: een barrière, een alarm, een veiligheidsafdekking of een overkapping, elk volgens een eigen norm. Een veiligheidsafdekking moet onbedoelde onderdompeling van een kind jonger dan vijf jaar voorkomen.
Een gemotoriseerde afdekking telt alleen mee als veiligheidsvoorziening wanneer zij aan die norm voldoet. Een afdekking die alleen het water schoon en warm houdt, is dat niet.
Zo doet u het
- Controleer of de afdekking als veiligheidsvoorziening is gecertificeerd.
- Voed vanuit de coffret uit E1 op een eigen circuit.
- Plaats de bediening zo dat de gebruiker het hele bassin ziet tijdens het bewegen.
- Test de eindstanden en de beveiliging tegen beknelling.
Waar dit op berust. N16 verplichte beveiliging tegen verdrinking · N11 · N6 · N7
Waar het misgaat. P4 · P14 · P19
Klaar? Bewaar het conformiteitsbewijs van de afdekking bij de papieren van het huis.
E6 · Een overkapping of abri
Voordat u begint. De elektrische kant is deels een eigen klus; de constructie van de overkapping zelf meestal niet.
Wat u gaat maken. Voeding voor een schuifbare of vaste overkapping.
De valstrik: net als bij E5 is dit tegelijk veiligheidsvoorziening. En er speelt hier vaak nog iets anders: een overkapping kan vergunningplichtig zijn en in beschermd gebied door de ABF moeten worden beoordeeld. Zie A5 en N19.
Zo doet u het
- Zoek eerst uit of de overkapping vergunningplichtig is en of uw perceel in beschermd gebied ligt.
- Controleer of de overkapping als veiligheidsvoorziening is gecertificeerd.
- Voed en beveilig volgens E1.
- Test de beweging en de eindstanden.
Waar dit op berust. N16 · N11 · N19 · N7
Klaar? Bewaar vergunning en conformiteitsbewijs samen.
E7 · Waterbehandeling en automatisering
Voordat u begint. Dit bouwt voort op E1 en E2: zonder de voeding en de filtratie is er niets om te automatiseren.
Wat u gaat maken. Voeding voor elektrolyse, doseerpompen, pH-regeling en besturing.
De valstrik: dit zijn kleine verbruikers met veel elektronica, in een vochtige ruimte met chemicaliën. Corrosie doet hier meer schade dan stroom.
Zo doet u het
- Groepeer de apparatuur in of bij de coffret, buiten de zones.
- Houd chemicaliën fysiek gescheiden van elektrisch materiaal; dampen tasten contacten aan.
- Voorzie ventilatie in het technisch hok.
- Let op het voorgeschreven type differentieelbeveiliging bij elektronisch geregelde apparatuur.
Er bestaat geen officiële formule voor het aantal filtratie-uren. De vuistregel "watertemperatuur gedeeld door twee" is geen norm en geen officieel advies, en wordt in dit dossier niet overgenomen.
Waar dit op berust. N11 · N6 · N7 · N15
Waar het misgaat. P3 · P4 · P6 · P19
Klaar? Controleer de contacten aan het eind van elk seizoen op aanslag.
E8 · De equipotentiaalverbinding rond het bassin
Voordat u begint. De uitvoering zelf is eenvoudig; weten wélke geleidende delen erop moeten aansluiten is het punt waar het misgaat.
Wat u gaat maken. Een verbinding die alle geleidende delen rond het bassin op hetzelfde potentiaal brengt.
Waarom dit telt: in de volumes rond een bassin is het risico op elektrische schok verhoogd doordat de weerstand van het menselijk lichaam lager is en het contact met aardpotentiaal groter. Een equipotentiaalverbinding zorgt ervoor dat er tussen twee delen die u tegelijk kunt aanraken geen gevaarlijk spanningsverschil kan ontstaan.
Openstaand punt. Welke delen precies moeten worden opgenomen en welke doorsnede is vereist, is in dit dossier niet primair vastgesteld. Dit is bij uitstek het punt waar u de normtekst of een installateur nodig heeft. Wat vaststaat is dat de verbinding er moet zijn en dat u haar moet kunnen meten.
Zo doet u het
- Inventariseer alle geleidende delen in en rond het bassin: constructiedelen, metalen leidingen, , armaturen, apparatuur.
- Verbind ze volgens het voorschrift.
- Meet de doorverbinding en noteer de waarde.
Waar het misgaat. P9 de aarde die u denkt te hebben
Klaar? Noteer wat er is opgenomen en de meetwaarde. Voeg er later bijgeplaatste apparatuur aan toe.
E9 · Winterklaar maken en heropstarten
Wat u gaat maken. Een vaste routine aan het begin en het einde van het seizoen.
De valstrik: mensen schakelen het bad uit en denken daarmee klaar te zijn. De schade ontstaat in de maanden erna, en u ziet haar pas bij het opstarten.
Zo doet u het bij het afsluiten
- Schakel de tak naar het zwembad af bij de kast.
- Laat leidingen leeglopen volgens het voorschrift van de installatie.
- Controleer of het technisch hok kan afwateren en ventileren.
- Sluit de kast en controleer de dichtingen.
Zo doet u het bij het opstarten
- Open de kast en kijk voordat u inschakelt: vocht, corrosie, sporen van dieren.
- Test de differentieelbeveiliging vóór het eerste gebruik van het bad.
- Start de pomp en luister.
- Controleer de onderwaterverlichting voordat er iemand zwemt.
Waar dit op berust. N22 onderhoud en controle · N11
Waar het misgaat. P3 · P4 · P25 de aardlek die nooit is getest
Klaar? Noteer de datum van de seizoenscontrole.
E10 · Een opzetbad of bovengronds bad
Wat u gaat maken. Een veilige voeding voor een tijdelijk of bovengronds bad.
Het misverstand. Een opzetbad voelt als een tuinartikel en niet als een zwembad. Voor de elektrische norm is dat onjuist. De bijzondere zwembadnorm geldt uitdrukkelijk voor alle typen zwembad- en pierebadbassins en de volumes eromheen, of die nu collectief of familiaal zijn, geheel of gedeeltelijk ingegraven dan wel bovengronds, geprefabriceerd of niet, en bestemd voor permanente of tijdelijke installatie.
Voor de wettelijke plicht tot een verdrinkingsbeveiliging ligt het anders: die geldt voor privézwembaden die geheel of gedeeltelijk zijn ingegraven en niet omsloten. Een bovengronds bad valt daar doorgaans buiten.
Dus: elektrisch valt u er wél onder, voor de verplichte beveiliging doorgaans niet. Dat verschil is de meest voorkomende fout bij zwembadeigenaren. Dat de plicht niet geldt, zegt overigens niets over het risico: een opzetbad is voor een kind even diep als een ingegraven bad.
Zo doet u het
- Behandel de voeding als die van een zwembad, niet als die van een tuinstopcontact.
- Voed vanaf een vast punt met differentieelbeveiliging, niet via een verlengsnoer over het gras.
- Houd voeding, verlengingen en schakelmateriaal buiten de zone rond het bad.
- Berg alles op wanneer het bad wordt weggehaald.
Waar dit op berust. N11 · N16 · N5 · N7
Waar het misgaat. P19 · P22 het verlengsnoer dat tijdelijk was en het niet bleef
Klaar? Test de differentieelbeveiliging voordat het bad in gebruik gaat.
Groep F · Storing, onderhoud en calamiteit
F1 · De aardlek slaat af na elke regenbui
Kernklus. Dit is de meest gestelde vraag over buitenelektra.
Voordat u begint. Het opsporen is te doen, mits u systematisch werkt: één circuit tegelijk uitsluiten, niet gokken.
Wat er aan de hand is. Uw differentieelbeveiliging doet precies wat hij moet doen. Ergens lekt stroom weg naar aarde, en bij droog weer te weinig om de drempel te halen. Na regen wordt het pad naar aarde beter en slaat hij af.
Wat u niet doet. De beveiliging overbruggen, vervangen door een minder gevoelige, of het circuit permanent uitgeschakeld laten en er verder niets aan doen. De beveiliging is de boodschapper, niet het probleem.
Zo spoort u de fout op
- Schakel alle groepen uit en zet de differentieelbeveiliging weer aan.
- Schakel de groepen één voor één in. Bij welke slaat hij af?
- Is het een buitengroep, koppel dan binnen die groep de verbruikers los: armaturen, pompen, apparaten aan stopcontacten.
- Sluit ze één voor één weer aan.
- Blijft de fout ook zonder verbruikers, dan zit hij in de vaste installatie: een armatuur, een aftakdoos of de kabel zelf.
- Loop de aftakpunten na, te beginnen bij het laagste punt van het tracé.
Waar u het meestal vindt. In volgorde van waarschijnlijkheid: een aftakdoos die water heeft gevangen, een armatuur waarvan de dichting is verhard, een pomp of apparaat met vocht binnenin, een kabel die is beschadigd door gereedschap of door wortelgroei.
Het verhaal dat u moet kennen. Op een Frans bouwforum beschrijft iemand precies deze storing. In zijn put stond de aftakdoos tot de rand vol water, terwijl die plat lag met het deksel omhoog en volstrekt dicht was. Het water kwam uit een hoger gelegen put en liep via de mantelbuis naar beneden. De fout zat niet in de doos maar in het feit dat een buis een goot is.
Dat is de reden om bij zoeken niet bij het armatuur te beginnen maar bij het laagste punt van het tracé.
Als u niets vindt. Vocht in een doos zonder lek is vaak condens, niet inloop. Een doos die naar buiten kan afwateren doet het beter dan een doos die alles vasthoudt.
Waar dit op berust. N5 · N22 · N7
Waar het misgaat. P1 · P2 · P3 · P4 · P8 · P25
Klaar? Noteer wat het was. De volgende keer is het meestal hetzelfde.
F2 · Ik heb een onbekende kabel opgegraven
Voordat u begint. Beoordelen kunt u deels zelf; ga pas repareren zodra u weet wat voor kabel het is.
Wat u doet, in deze volgorde
- Stop met graven. Niet doorwerken om te zien hoe ver hij loopt.
- Ga ervan uit dat hij onder spanning staat. Ook als u denkt van niet.
- Is hij beschadigd en gaat het om een net van een derde, bel dan de betreffende beheerder. Bij twijfel over wie dat is: het téléservice reseaux-et-canalisations.ineris.fr geeft de exploitanten op uw perceel.
- Is het uw eigen kabel, schakel dan af bij de kast en controleer spanningsloosheid ter plaatse.
- Stel vast wat het is voordat u iets repareert: wat voedt hij, welke beveiliging zit ervoor, is er een beschermingsgeleider.
Over repareren onder de grond. Een ondergrondse reparatie is geen elektrisch probleem maar een waterprobleem, en u ziet pas over drie jaar of u hem goed heeft gedaan. Een aftakblokje met isolatietape houdt het in een vochtige bodem niet. Gebruik een gietmof die daarvoor is gemaakt, en houd lus voor en achter zodat een opvolger hem kan vervangen zonder opnieuw te graven.
Waarom dit u overkomt. Meestal weet u zelf precies waar het is gebeurd, want u stond erbij met de spade. Dat is ook de reden waarom het vastleggen uit B1 geen bureaucratie is maar de goedkoopste verzekering in dit hele dossier.
Waar dit op berust. N3 · N4 · N21 · N22
Waar het misgaat. P8 · P11 · P24
Klaar? Voeg de kabel toe aan uw tekening, ook als u niet weet waar hij naartoe gaat. Noteer dan dát u niet weet waar hij naartoe gaat.
F3 · Een oude buiteninstallatie beoordelen
Voordat u begint. Beoordelen kunt u deels zelf. Kent niemand de opbouw van de installatie, dan is dit het moment voor een vakman, niet het moment om te gokken.
Wanneer u dit doet. Bij aankoop van een huis, bij het overnemen van een tuin met bestaande verlichting, of voordat u iets uitbreidt op een installatie die u niet zelf heeft aangelegd.
Wat u minimaal wilt weten
- Waar loopt de leiding en waar zitten de verbindingen.
- Welk circuit voedt hem en welke beveiliging zit ervoor.
- Zit er een beschermingsgeleider en is die daadwerkelijk doorverbonden.
- Welk materiaal staat buiten en in welke staat verkeren dichtingen en armaturen.
- Zijn er verbindingen in de grond, en zo ja, van welk type.
Wat u niet doet. Uitbreiden op een installatie waarvan u punt 1 tot 3 niet kunt beantwoorden. Dan bouwt u voort op iets dat u niet kent.
Over de norm. Een bestaande installatie hoeft niet automatisch aan de huidige norm te voldoen omdat u er iets aan verandert. Bij gedeeltelijke renovatie geldt wel dat de vernieuwde delen veiligheidstechnisch verenigbaar moeten zijn met de behouden delen. Wie een conformiteitsattest laat opstellen voor een gedeeltelijke renovatie, krijgt daarop vermeld welke circuits het dekt en welke niet. Zie N10.
Waar dit op berust. N10 · N22 · N7 · N8 · N21
Waar het misgaat. P9 · P20 · P24
Klaar? Leg vast wat u heeft vastgesteld, ook de dingen die u niet heeft kunnen vaststellen.
F4 · Voorbereiden op hoogwater
Voordat u begint. Dit is grotendeels planning en geen technische klus: begin bij uw gemeente en Géorisques om te weten of dit voor u geldt.
Wanneer dit voor u geldt. Als uw perceel binnen een overstromingsrisicozone valt. Dat zoekt u op bij uw gemeente en op Géorisques.
Wat de overheid adviseert. Het nationale preventiereferentieel voor bestaande woningen heeft hier eigen fiches voor. Vooraf: dit référentiel heeft uitdrukkelijk geen regelgevende strekking. Het is advies, geen eis. Lokale voorschriften kunnen dat anders maken; een preventieplan kan wél bindende bepalingen bevatten, bijvoorbeeld over de hoogte waarop verdeelkasten moeten worden geplaatst. Die referentiehoogte is lokaal.
Circuitscheiding. Twee architecturen zijn mogelijk: afzonderlijk beveiligde circuits voor de overstroombare zone vanuit de hoofdverdeler, of een afzonderlijke onderverdeler voor de overstroombare zone en de buiteninstallaties. Zo kunt u het getroffen deel afschakelen zonder de rest van het huis mee te nemen.
Leidingrichting. Dezelfde fiche adviseert leidingen waar dat kan van boven naar beneden aan te leggen, zodat er na een overstroming minder water in buizen en mantels achterblijft.
Apparatuur boven water. Verdeelkasten, beveiligingsapparatuur en communicatievoorzieningen worden bij voorkeur boven het niveau van de referentie-overstroming geplaatst, en in een woning met meerdere bouwlagen bij voorkeur op een verdieping.
Het zwembad. Wanneer een bassin onder overstromingswater verdwijnt, is niet meer te zien waar het ligt. Dat is gevaarlijk voor bewoners en voor hulpverleners. Géorisques adviseert in overstromingsgebieden bij voorkeur een vaste, perifere veiligheidsbarrière rond het bassin. Kan het water hoger komen dan die barrière, dan adviseert dezelfde bron aanvullend een duidelijk zichtbare, tijdelijke markering: bebakening op minstens 1,10 meter hoogte, met voldoende hoge palen op de vier hoeken van het bassin.
Subsidie. Het aanschaffen en installeren van voorzieningen om de contouren van zwembaden te materialiseren staat op de lijst van werken die in aanmerking komen voor het fonds ter preventie van grote natuurrisico's. Het subsidiepercentage bedraagt tachtig procent voor werken aan woningen binnen de perimeter van een preventieplan of een overstromingsprogramma, met de mogelijkheid dertig procent vooraf te ontvangen.
Waar dit op berust. N20 water en overstroming · N9 parafoudre · N5
Waar het misgaat. P18 alles op één groep · P24
Klaar? Zoek de referentiehoogte van uw gemeente op en noteer die.
F5 · Na een overstroming weer inschakelen
Voordat u begint. Dit is de klus in dit dossier waarbij u het meest expliciet iemand nodig heeft: schakel uit, en laat de beoordeling daarna aan een professional over.
Wat u eerst doet
- Schakel de hoofdvoeding uit voordat het water het schakelmateriaal bereikt, als dat nog kan.
- Ga er na afloop van uit dat alles wat onder water heeft gestaan is aangetast.
Waarom u niet zomaar inschakelt. Na een overstroming kunnen kabels, verdeelkasten, armaturen, contactdozen, schakelaars en motoren gevaarlijk beschadigd zijn. Ook de beveiligingen zelf kunnen zijn aangetast, en dat is het punt: het apparaat waarop u vertrouwt om u te beschermen, is misschien juist het apparaat dat het niet meer doet. Het officiële advies is de hoofdvoeding uit te schakelen en de installatie vóór hergebruik volledig te laten controleren.
Bij langdurige overstroming. Dan gaat het advies verder dan alleen controleren: in het algemeen wordt volledige vervanging van het overstroomde elektrisch materiaal aangewezen geacht, vanwege corrosie, slib en mogelijke mechanische schade. Dit punt komt uit het oudere nationale preventiereferentieel en geldt hier als officieel technisch advies, niet als een actuele normbepaling.
Wat er speciaal aandacht vraagt buiten. Ondergrondse leidingen en de verbindingen daarin. Water dat in een mantelbuis is gelopen, blijft daar staan. Apparatuur in technische hokken en putten. En de zwembadinstallatie, die per definitie op het laagste punt ligt.
Waar dit op berust. N20 · N22 · N5
Waar het misgaat. P2 · P4 · P25
Klaar? Bewaar het controlerapport. Uw verzekeraar zal ernaar vragen.
F6 · Na storm en stroomuitval
Voordat u begint. Dit is vooral een checklist: geen nieuwe montage, wel dingen om na te lopen voordat u aanneemt dat alles het weer doet.
Waarom dit een eigen klus is. Bij de storm van begin november 2023 zaten volgens de netbeheerder ongeveer 1,2 miljoen huishoudens zonder stroom, waarvan een groot deel in Bretagne. Bij zulke gebeurtenissen gaat het niet alleen om de uitval zelf maar om wat er daarna wel en niet vanzelf weer aangaat.
Wat u naloopt als de stroom terug is
- De poort en de garagedeur: doen ze het weer, en staat de afstandsbediening nog gekoppeld.
- Pompen en filtratie: zijn ze herstart of staan ze uit.
- Vorstbeveiliging: als het buiten vriest, is dit de belangrijkste.
- Klokken en programmeurs: die staan vaak op nul of op een fabrieksinstelling.
- Diepvriezers en koelkasten in bijgebouwen, waar niemand naar kijkt.
- De differentieelbeveiligingen: test ze.
Over blikseminslag. Een parafoudre is volgens het besluit voorgeschreven wanneer de eigenschappen van de installatie dat vragen. Wanneer dat precies het geval is, volgt uit de norm en is in dit dossier niet primair gecontroleerd. Zie N9. Wat wel vaststaat: na een inslag in de omgeving kan apparatuur beschadigd zijn zonder dat er iets zichtbaar is. Verwar dat niet met de storm zelf: een parafoudre beschermt tegen overspanning, niet tegen fysieke schade aan het net. Bij een storm zoals die van 2023 kan de stroom voor langere tijd wegvallen, met of zonder parafoudre.
Waar dit op berust. N9 · N17 · N22
Klaar? Maak deze lijst één keer op maat voor uw eigen huis en hang hem in de meterkast.
F7 · Periodieke controle van de buiteninstallatie
Wat u doet, elk voorjaar en elk najaar
- Test de differentieelbeveiliging met de testknop. Het nationale preventiereferentieel adviseert dat maandelijks te doen.
- Loop de buitenpunten langs. Klepjes, dichtingen, wartels, .
- Kijk naar de armaturen. Verharde rubbers, blinde glazen, water erin.
- Controleer de putten. Staat er water in, en zo ja, waar komt het vandaan.
- Kijk naar de begroeiing. Wortels bij tracés, takken bij bovengrondse leidingen, klimplanten over armaturen.
- Controleer bevestigingen. Palen, beugels, goten.
- Kijk naar uw eigen werk van vorig jaar. Dat is waar u het meeste van leert.
Waar dit op berust. N22 onderhoud en controle · N5 · N7
Waar het misgaat. P5 · P10 · P12 · P13 · P14 · P25
Klaar? Noteer de datum en wat u heeft gedaan. Twee regels volstaan.
Normmodules · Waar de regels op berusten
Elke klus verwijst naar de modules die hem raken. Hier staat elke regel één keer, met de vindplaats erbij.
N1 · Welke norm geldt er eigenlijk
AFNOR, publicatie reeks NF C 15-100 2024 · Arrêté du 3 août 2016, art. 4
De NF C 15-100 is in augustus 2024 herzien en opgesplitst in een reeks van 21 normen. Vanaf september 2025 is die reeks de technische referentie voor nieuwe installaties, voor uitbreidingen en wijzigingen, en voor de delen van bestaande installaties die daardoor worden geraakt.
De reeks 2024 is echter niet in de regelgeving opgenomen. Daardoor zijn de editie 2002 en haar amendementen niet geannuleerd en behouden zij de hoedanigheid van verplicht toe te passen norm in de zin van het Arrêté du 3 août 2016. Om die reden blijven die oudere versies gratis raadpleegbaar; de editie 2024 wordt tegen betaling verspreid.
Wat dit betekent. "De actuele technische norm" en "de in regelgeving aangewezen norm" zijn in 2026 niet hetzelfde. Voor wat technisch juist is, geldt 2024. Voor waaraan een installatie juridisch wordt afgemeten binnen het bereik van het arrêté, geldt titel 10 van 2002 met de mise à jour van 2005 en de amendementen A1 tot A5.
Aandachtspunt. Titel 10 ontstaat pas met amendement A5 uit 2015; in de basiseditie van december 2002 heet het woningdeel Partie 7-771. Bij verwijzingen noemt dit dossier daarom altijd de editie.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD via de publicatiepagina van AFNOR, en Légifrance voor artikel 4. Gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. Alle klussen.
N2 · De buitenruimte hoort bij de woninginstallatie
NF C 15-100-10:2024, art. 10.1.1
Deel 10 is van toepassing op de elektrische installaties van privé-woonruimten én de daarbij behorende privé-buitenruimten. Naast deel 10 gelden andere delen van de reeks 7 ook voor woonruimten, waaronder 7-702 voor privézwembaden, 7-703 voor sauna's en 7-753 voor elektrische verwarmingsapparatuur. Voor installaties gevoed door een autonome bron van minder dan 6 kVA die niet op het net is aangesloten, geldt bijlage 10B. Eis.
Wat dit betekent. De elektrische infrastructuur op uw terrein valt niet buiten de woningnorm omdat zij fysiek buiten het gebouw ligt. Dat is het fundament onder dit hele dossier.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD via de officiële weergave van het toepassingsgebied. Gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. Alle klussen.
N3 · Aansluitwerken op het perceel volgen een ander regime
Arrêté du 3 août 2016, art. 3 · Arrêté du 17 mai 2001, art. 5 tot 76 bis
De aansluitwerken die zich op het privéperceel bevinden, worden ontworpen en uitgevoerd volgens de voorschriften van de artikelen 5 tot en met 76 bis van het Arrêté du 17 mai 2001 over de technische voorwaarden voor de distributie van elektrische energie. Eis.
Wat dit betekent. Er lopen twee regimes over hetzelfde perceel. Het aansluitwerk tot aan de woning volgt het besluit van 2001, de privé-installatie daarna volgt NF C 15-100. Dat verklaart waarom bronnen elkaar tegenspreken: ze praten over verschillende delen van hetzelfde tracé.
Relevante bepaling binnen dat bereik (artikel 37 van het besluit van 2001): begraven leidingen moeten worden beschermd tegen schade door grondzetting, contact met harde voorwerpen en de slag van metalen handgereedschap. Elke begraven kabel wordt gesignaleerd door een genormeerde waarschuwingsvoorziening, voor zover mogelijk minstens 0,20 m erboven; die is niet vereist als de kabel in een in sous-œuvre gelegde mantelbuis ligt. Bij nabijheid van leidingen voor water, koolwaterstoffen, gas, perslucht of stoom geldt minimaal 0,20 m. Ten opzichte van telecom 0,50 m bij rechtstreekse begraving en 0,20 m onder mantelbuis, in laag- en middenspanning terug te brengen tot 0,05 m tussen de buitenste omhullingen. Eis.
Bronstatus. WETTELIJK. Légifrance, gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. B1, B5, C1, E1, F2.
N4 · Kabels onder de grond
NF C 15-100, editie december 2002, art. 529.5
Welke kabel de grond in mag (529.5.1). Staalgewapende kabels met een dichtingsmantel onder de wapening mogen rechtstreeks in de grond. Kabels zonder wapening maar met een dikke mantel vereisen een onafhankelijke mechanische bescherming tegen de slag van metalen handgereedschap. Alle overige kabels moeten in buis of mantelbuis liggen, of achter een gelijkwaardige bescherming. Eis. Het commentaar noemt U-1000 R2V als voorbeeld in de tweede categorie en gewapende series in de eerste. Commentaar.
Hoe diep (529.5.2). In normaal terrein minstens 0,50 m. Bij het kruisen van voor auto's toegankelijke wegen en onder trottoirs 0,85 m. In rotsachtig terrein mag minder. Van beide waarden mag worden afgeweken als er maatregelen zijn genomen waardoor de kabel de effecten van grondzetting niet rechtstreeks draagt, bijvoorbeeld met mantelbuizen. Eis. De maten gelden vanaf de bovenkant van de kabel na plaatsing. Commentaar.
Afstand tot andere leidingen (529.5.3). In beginsel 0,20 m tussen twee begraven elektrische leidingen, en 0,20 m tussen een begraven elektrische leiding en leidingen voor water, koolwaterstoffen, gas, perslucht of stoom, gemeten op hun dichtstbijzijnde punten. Reduceerbaar bij een scheiding die gelijkwaardige veiligheid biedt. Eis.
Waarschuwingsvoorziening (529.5.4). Elke begraven leiding moet worden gesignaleerd door een niet-corroderende voorziening, minstens 0,20 m erboven. Eis. Aanbevolen is rood plastic , en de voorziening is niet nodig wanneer de kabels een onafhankelijke mechanische bescherming hebben of in rode buizen of mantelbuizen liggen. Commentaar.
Wat dit betekent. R2V mag niet kaal de grond in. Wie in rode buis legt, heeft de signalering afgedekt en mag bovendien van de diepte afwijken. Wie zonder buis werkt, moet zowel de diepte halen als het waarschuwingsnet leggen.
Editiestatus. Valt binnen de titels 1 tot 6, in augustus 2024 herzien in NF C 15-100-1. Verschil niet vastgesteld.
Aanvullende bevestiging. Een tweede, onafhankelijke secundaire bron (Promotelec) noemt voor kabeltype, diepte en waarschuwingsnet dezelfde waarden als hierboven, zonder zelf een artikelnummer te citeren. Eén Promotelec-fiche plaatst de waarschuwingsvoorziening abusievelijk 20 cm onder maaiveld in plaats van erboven; dat wijkt af van zowel deze weergave als van de rechtstreeks gelezen wettekst van het Arrêté du 17 mai 2001 art. 37 §2 (zie N3) en wordt hier niet overgenomen.
Bronstatus. NOG TE VERIFIËREN. Woordelijke weergave uit tweede hand met volledige artikelnummering; primaire controle staat open. Vindplaats: pagina 262 van het AFNOR-exemplaar van de editie 2002.
Haakt aan. B1, B2, B4, B5, C1, D1, D2, D3, D5, E1, F2.
N5 · Dertig milliampère op alles wat buiten hangt
Arrêté du 3 août 2016, art. 2
Alle eindcircuits van de elektrische installatie van de woning zijn beschermd door hooggevoelige differentieelbeveiligingen van ten hoogste 30 mA, als aanvullende bescherming voor het geval de bescherming tegen directe aanraking faalt of iemand onvoorzichtig is. Daarnaast houdt de beveiliging van de installatie rekening met de veiligheid van de bewoners in verhouding tot de plaats van het elektrische materiaal, en in het bijzonder met de voeding van buitenpunten. Eis.
Wat dit betekent. Buitencircuits vallen hieronder, want het zijn eindcircuits van de woning. Wat er niet staat, is dat alle buitenelektra achter één eigen moet. Dat is een verstandige ontwerpkeuze voor de bedrijfszekerheid, geen verplichting.
Reikwijdte. Nieuwe woongebouwen en de aansluitwerken vanaf de perceelgrens, voor bouwaanvragen en meldingen ingediend vanaf 1 september 2016 (artikel 1 en 5).
Bronstatus. WETTELIJK. Légifrance, gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. Alle klussen met een 230 V-circuit.
N6 · Gespecialiseerde circuits
Arrêté du 3 août 2016, art. 2
De elektrische installatie omvat specifieke circuits die zijn bestemd voor de voeding van specifieke gebruiksapparatuur, zodat die optimaal kan worden gebruikt. Eis.
Wat dit betekent. Het besluit stelt vast dát er gespecialiseerde circuits zijn, maar noemt niet welke. Welke buitentoepassingen een eigen circuit vereisen, volgt uit de norm en uit de eigenschappen van de aangesloten apparatuur.
Openstaand. De opsomming in het woningdeel van de norm is niet gecontroleerd.
Bronstatus. WETTELIJK voor het beginsel. NOG TE VERIFIËREN voor de opsomming.
Haakt aan. A3, A4, A6, B6, B7, B9, C1, C3, C5, D5, E2, E3, E7.
N7 · Materiaal dat tegen zijn omgeving kan
Arrêté du 3 août 2016, art. 2 · NF C 15-100:2002, art. 512 en 522
Het toegepaste elektrische materiaal is aangepast aan de externe invloeden waaraan het kan worden blootgesteld. Eis. Deze bepaling staat tweemaal in artikel 2.
Wat dit betekent. Er bestaat geen algemeen minimum voor buiten. IP44 is geen universele ondergrens en IP65 geen universeel antwoord. Een armatuur onder een afdak, een grondspot, een doos naast een beregeningsinstallatie en apparatuur bij een zwembad staan bloot aan verschillende invloeden, en de keuze volgt uit die invloeden.
Openstaand. De classificatie van externe invloeden en de naar IP- en IK-waarden is niet gecontroleerd. Vindplaats: artikel 512 op pagina 185 en artikel 522 op pagina 237.
Bronstatus. WETTELIJK voor het beginsel. NOG TE VERIFIËREN voor de uitwerking.
Haakt aan. Alle klussen met materiaal buiten.
N8 · Aarding en equipotentiaal
Arrêté du 3 août 2016, art. 2, eerste fundamentele regel
De installatie van elke woning omvat een aardelektrode, een aardingsinstallatie bestaande uit aardgeleiders, een hoofdaardklem, een hoofdbeschermingsgeleider en beschermingsgeleiders, een hoofdequipotentiaalverbinding waarop de hoofdaardklem, de hoofdbeschermingsgeleider en de geleidende delen van de woning zijn aangesloten, beveiligingen door automatische uitschakeling waarvan de kenmerken zijn afgestemd op het toegepaste aardingsstelsel, en een aanvullende equipotentiaalverbinding in elke ruimte met een bad of douche. Eis.
Openstaand. De aarding van een los bijgebouw is niet gecontroleerd: of u de beschermingsgeleider vanuit de woning meevoert dan wel ter plaatse een eigen aardelektrode aanlegt, en onder welke voorwaarden.
Bronstatus. WETTELIJK voor het beginsel. NOG TE VERIFIËREN voor bijgebouwen.
Haakt aan. B7, C1, C4, E1, E8, F3.
N9 · Parafoudre
Arrêté du 3 août 2016, art. 2, vierde fundamentele regel
De verdeelkasten van woningen bevatten onder meer beveiligingen tegen overspanningen van atmosferische oorsprong, een parafoudre, in voorkomend geval. Aantal en kenmerken worden afgestemd op de bijzonderheden van de installatie. Eis, voorwaardelijk geformuleerd.
Wat dit betekent. Uit het besluit volgt geen eenvoudige regel dat elke Franse woning een parafoudre moet hebben. Wanneer hij nodig is, volgt uit de norm.
De criteria, secundair onderbouwd. Twee onafhankelijke professionele bronnen (Promotelec, Schneider Electric) geven dezelfde tabel weer: tableau 44B van amendement 1 bij NF C 15-100, met een uitzonderingsclausule in de guide UTE C 15-443 (§6.2.2). Drempelwaarden: niveau AQ1 bij een keraunisch grondniveau Ng ≤ 2,5 of een blikseminslagdichtheid Nk ≤ 25, niveau AQ2 daarboven. Een gebouw met een bliksemafleider (paratonnerre) vraagt in beide niveaus een parafoudre. Een geheel of gedeeltelijk bovengrondse vraagt hem alleen verplicht in AQ2; bij een volledig ondergrondse voeding is hij niet verplicht op dit criterium. Waar onbeschikbaarheid van de installatie de veiligheid van personen raakt, geldt in AQ1 een risicoanalyse en in AQ2 een verplichting. Type 1 vereist een stootstroom Iimp ≥ 12,5 kA, type 2 een nominale afleidstroom In ≥ 5 kA; de aansluitleidingen van de parafoudre moeten korter dan 0,50 m blijven, stroomafwaarts van een differentieel van 500 mA. In de reeks 2024 staat dit in artikel 534.1 van NF C 15-100-1; de Nk-kaart is ongewijzigd, en voor niet-woningbouw vervangt een grootheid Nsg de Nk.
Openstaand. Dit is secundaire onderbouwing, geen primaire normtekst: NF C 15-100-1 zelf is niet ingezien (betaalmuur). Of tableau 44B ongewijzigd is overgenomen uit de editie 2002 naar amendement 1, of dat amendement 1 zelf al de aanscherping was, is niet vastgesteld.
Bronstatus. WETTELIJK voor het voorwaardelijke beginsel. PROFESSIONEEL ONDERBOUWD voor de criteria.
Haakt aan. D6, F4, F6, en de ontwerpfase van B1 en C1.
N10 · Conformiteitsattest en Consuel
Code de l'énergie, art. D342-19
Voorafgaand aan de inbedrijfstelling door een distributeur is een conformiteitsattest vereist voor elke nieuwe definitieve elektrische installatie die op het openbare distributienet wordt aangesloten, voor elke productie-installatie van minder dan 250 kVA die een wijziging van de binneninstallatie vergt, en voor elke volledig gerenoveerde installatie beneden een bepaalde spanningsgrens wanneer de distributeur de installatie voor de renovatie buiten spanning heeft gesteld. Eis.
Installaties die niet volledig zijn gerenoveerd, of waarvan de renovatie niet tot buitenspanningstelling heeft geleid, kunnen op verzoek van de opdrachtgever een attest krijgen. Bij gedeeltelijke renovatie vermeldt het attest welke circuits het dekt, welke delen het niet dekt, en dat de vernieuwde delen veiligheidstechnisch verenigbaar zijn met de niet-vernieuwde delen. Het attest wordt bewaard door de opdrachtgever. Mogelijkheid.
Wat dit betekent. De uitspraak dat een bestaande tuininstallatie volledig aan de huidige norm moet worden aangepast zodra u één lamp vervangt, is niet verdedigbaar.
Aandachtspunt. De attestplicht bestaat sinds 1972. Wat per 1 januari 2025 veranderde, is dat CONSUEL het geviseerde attest zelf elektronisch aan de netbeheerder ter beschikking stelt.
Bronstatus. WETTELIJK. Légifrance, gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. B1, C1, D5, E1, F3.
N11 · Het zwembad als aparte omgeving
NF C 15-100-7-702:2024, art. 702.1
De bijzondere voorschriften gelden voor de elektrische installaties van alle typen zwembad- en pierebadbassins en de volumes eromheen, of die bassins nu voor collectief of familiaal gebruik zijn, geheel of gedeeltelijk ingegraven dan wel bovengronds, geprefabriceerd of niet, en bestemd voor permanente of tijdelijke installatie. Ook volumes in natuurlijke wateren, grindgatmeren, kustzones en vergelijkbare wateren die in het bijzonder bestemd zijn voor zwemmen, kanoën en soortgelijke activiteiten vallen eronder en worden als zwembadbassins beschouwd, evenals de bassins van fonteinen met hun omringende volumes. In deze volumes is het risico op elektrische schok bij normaal gebruik verhoogd door de verminderde weerstand van het menselijk lichaam en het contact met aardpotentiaal. Eis.
Wat dit betekent. Een opzetbad, een tijdelijk bad, een pierebadje en een zwemvijver vallen elektrisch onder dezelfde bijzondere norm als een ingegraven bad. Dat staat los van de wettelijke verdrinkingsbeveiliging uit N16, die een engere reikwijdte heeft.
Openstaand. De beschermingsvolumes zijn niet geverifieerd. Professionele documentatie beschrijft volume 0 als het bassin zelf, volume 1 als het gebied tot 2 m rondom en tot 2,5 m hoogte (bij een duikplank, springplank of glijbaan: 1,5 m rondom, 2,5 m boven het hoogste te betreden niveau), en volume 2 als een strook van 1,5 m daarbuiten, eveneens tot 2,5 m hoogte. Er zijn aanwijzingen dat vaste scheidingen van minstens 2,5 m hoogte de breedte van een volume kunnen begrenzen, en dat voor fonteinen geen volume 2 bestaat. Twee Promotelec-vindplaatsen citeren hierbij de artikelnummers 702.53, 702.410.3.101.3 en 702.415.2, zonder dat de normtekst zelf is ingezien; de bijbehorende IP-waarden staan niet eenduidig in de secundaire bron (twee eigen Promotelec-pagina's spreken elkaar tegen over de maten van volume 1) en worden om die reden niet overgenomen. Zolang dit niet primair is gecontroleerd, maakt dit dossier hiervan geen tekening en noemt het geen IP-waarden in de klussen.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD voor het toepassingsgebied. NOG TE VERIFIËREN voor de volumes.
Haakt aan. B8, C3, E1 tot E10.
N12 · Zeer lage spanning is niet risicoloos
NF C 15-100-7-715:2024, art. 715.1
De bijzondere eisen gelden voor de keuze en uitvoering van verlichtingsinstallaties op zeer lage spanning die worden gevoed door bronnen met een maximale toegewezen spanning van 50 V wisselstroom en 120 V gelijkstroom. Wisselspanningen zijn effectieve waarden. Deze bepalingen vullen die van NF C 15-100-1 aan, in het bijzonder artikel 559. Voor de definitie van TBT-verlichtingssystemen verwijst de norm naar de reeks NF EN 60598, en voor toepassing naar de gids UTE C 15-559. Eis.
Wat dit betekent. Dit is het toepassingsgebied van een norm, geen algemene toestemming om die spanningen overal buiten of bij een zwembad te gebruiken. Een armatuur op 12 of 24 V blijft bovendien onderdeel van een systeem met een voeding, aansluitingen en meestal een 230 V-zijde.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD. Gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. B3, B4, B8, D3, D4, E4.
N13 · Laadpunt voor een elektrische auto
NF C 15-100-7-722:2024
De reeks 2024 bevat een afzonderlijk deel voor de voeding van elektrische voertuigen. Daarbij is vastgelegd dat een gespecialiseerd circuit vereist is voor de voeding van de laadinrichting of de daarvoor bestemde contactdoos. Deze norm annuleert en vervangt de gids UTE C 15-722. Eis.
Openstaand. Het vereiste type differentieelbeveiliging is niet gecontroleerd.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD voor het bestaan en het gespecialiseerde circuit. NOG TE VERIFIËREN voor de uitwerking.
Haakt aan. D5.
N14 · Autonome bronnen zonder netaansluiting
NF C 15-100-10:2024, bijlage 10B
Voor elektrische installaties die worden gevoed door een autonome bron zoals fotovoltaïsch of wind, met een vermogen van minder dan 6 kVA en niet aangesloten op het openbare distributienet, wordt verwezen naar bijlage 10B. Eis.
Wat dit betekent. Een netloze installatie is geen niet-installatie.
Openstaand. De inhoud van bijlage 10B is niet gecontroleerd; het bestaan ervan wel.
Bronstatus. NF-NORM GECONTROLEERD voor de verwijzing. NOG TE VERIFIËREN voor de inhoud.
Haakt aan. B10, D4, en de autonome varianten van B2 en B3.
N15 · Differentieel type F en type B
NF C 15-100:2024 · exacte clausule niet vastgesteld
Fabrikantendocumentatie beschrijft in de uitleg van de herziene norm een type F-differentieelbeveiliging voor circuits met bepaalde eenfasige frequentieregelaars, onder meer bij warmtepompen, zwembadpompen en airconditioning, en type B voor overeenkomstige driefasige toepassingen. Drie onafhankelijke professionele bronnen beschrijven dezelfde uitbreiding, waaronder Promotelec: type F is pas met de serie 2024 in de norm ingevoerd, onder Appareillages (Partie 5-53), naast dispositifs de protection contre les défauts d'arcs (DPDA). Promotelec noemt dit uitdrukkelijk een aanbeveling, geen eis: "recommandés" voor apparatuur met eenfasige snelheidsregelaars, airco's, warmtepompen en wasmachines.
Wat dit betekent. Dit betekent nadrukkelijk niet dat elke zwembadpomp type F nodig heeft. Bepalend zijn het aangesloten apparaat en zijn elektronische regeling, en dus de technische documentatie van dat apparaat.
Openstaand. De primaire clausule is niet gecontroleerd. Deze module kan niet uit de editie 2002 worden onderbouwd, want het betreft een wijziging van 2024.
Bronstatus. PROFESSIONEEL ONDERBOUWD.
Haakt aan. A6, B6, B7, C5, E2, E3, E7.
N16 · Verplichte beveiliging tegen verdrinking
Code de la construction et de l'habitation · NF P90-306 tot 309
Privézwembaden die geheel of gedeeltelijk zijn ingegraven, niet omsloten zijn en voor individueel of collectief gebruik dienen, moeten zijn voorzien van minstens één beveiliging tegen verdrinking. Er zijn vier mogelijkheden: een beschermingsbarrière volgens NF P90-306, een alarmsysteem volgens NF P90-307, een veiligheidsafdekking volgens NF P90-308, of een overkapping volgens NF P90-309. Eis.
De afdekking moet onbedoelde onderdompeling van een kind jonger dan vijf jaar voorkomen. De overkapping moet het bassin in gesloten toestand ontoegankelijk maken voor een kind jonger dan vijf jaar en mag geen letsel veroorzaken.
Wat dit betekent. Deze plicht heeft een engere reikwijdte dan de elektrische norm uit N11. Een bovengronds of tijdelijk bad valt elektrisch wél onder 7-702 maar doorgaans niet onder deze beveiligingsplicht. Dat verschil is de meest voorkomende misvatting bij zwembadeigenaren.
Openstaand. De sanctie is niet primair gecontroleerd; secundaire bronnen noemen een boete tot 45.000 euro.
Bronstatus. OFFICIEEL, ministerie van ecologie, gecontroleerd 20-8-2026. De onderliggende wettelijke bepalingen zijn niet rechtstreeks gelezen.
N17 · Automatische poorten
Code de la construction et de l'habitation, art. R134-55 e.v.
Voor automatische garagepoorten in woongebouwen en groepen woongebouwen gelden expliciete veiligheidseisen. Een veiligheidssysteem moet de beweging onmiddellijk stoppen wanneer die iemand kan verwonden, en de automatische werking moet worden onderbroken wanneer het veiligheidssysteem defect is. Een nieuwe automatische garagepoort die voldoet aan NF EN 13241-1 en volgens de regels van de kunst is geïnstalleerd, wordt geacht aan een deel van die eisen te voldoen. Eis met conformiteitsvermoeden.
Wat dit betekent. Deze bepalingen gaan over garagepoorten in woongebouwen en mogen niet zonder analyse worden veralgemeniseerd naar een losse opritpoort.
Aandachtspunt. De codetekst verwijst naar NF EN 13241-1, die is ingetrokken en vervangen door NF EN 13241+A2 van november 2016.
Openstaand. Wat wél geldt voor een losse opritpoort is niet uitgezocht.
Bronstatus. WETTELIJK voor garagepoorten. NOG TE VERIFIËREN voor opritpoorten.
N18 · Licht, buren en de nacht
Arrêté du 27 décembre 2018 · Code civil, art. 1253
Publiekrechtelijk. Frankrijk kent een afzonderlijke regeling tegen lichthinder. Zij geldt onder meer voor buitenverlichting die is bestemd om de veiligheid van verplaatsingen, personen en goederen en het comfort van gebruikers in de openbare of particuliere ruimte te bevorderen, in het bijzonder langs wegen. Daarnaast bestaan afzonderlijke categorieën voor onder meer het uitlichten van erfgoed en van niet-residentiële gebouwen. Technische eisen zoals tijdvensters, de lichtstroom boven de horizontale en de kleurtemperatuur zijn aan die categorieën gebonden en worden niet zonder categorie-analyse op elke lamp bij een woning toegepast. Eis, per categorie.
Privaatrechtelijk. Wie hinder veroorzaakt die de normale ongemakken van nabuurschap overschrijdt, is van rechtswege aansprakelijk voor de daaruit voortvloeiende schade. Er is geen fout vereist. Naleving van administratieve, sanitaire, akoestische of stedenbouwkundige regels ontslaat niet van aansprakelijkheid: conformiteit met het publiekrecht staat de kwalificatie als abnormale hinder niet in de weg. Er geldt een uitzondering voor activiteiten die dateren van vóór de komst van de klager, mits regelconform en niet verzwaard. Eis.
Wat dit betekent. Voor een gevelspot die de slaapkamer van de buren verlicht is niet het besluit van 2018 de toepasselijke regel, maar het burenrecht.
Bronstatus. WETTELIJK. Légifrance voor beide teksten, gecontroleerd 20-8-2026. De categorie-indeling van het besluit is niet artikelsgewijs uitgewerkt.
Haakt aan. A1, A2, A4, A5, B1, B2, B3, B4, B9, D4.
N19 · Beschermd erfgoed
Code du patrimoine
Werkzaamheden die het uiterlijk aanzicht kunnen wijzigen van een bebouwd of onbebouwd onroerend goed dat als abords van een monument historique is beschermd, zijn onderworpen aan een voorafgaande vergunning waarvoor de instemming van de architecte des Bâtiments de France nodig is. Eis.
Er zijn twee regimes. Binnen een afgebakende perimeter zijn alle werkzaamheden aan beschermde onroerende goederen onderworpen. Bij gebrek aan zo'n perimeter geldt de instemming alleen voor gebouwen die in het zichtveld van het monument liggen en op minder dan 500 meter afstand. De ABF heeft één maand voor een déclaration préalable en twee maanden voor vergunningen; zonder zijn instemming kan de vergunning niet worden verleend, en tegen een weigering staat beroep open.
Wat dit betekent. Een zichtbaar armatuur aan een historische gevel is niet uitsluitend een elektrisch object. Een ondergrondse kabel in de tuin wijzigt doorgaans het uiterlijk aanzicht niet. Omdat het overgrote deel van de monuments historiques nog geen afgebakende perimeter heeft, geldt in de praktijk meestal de toets van 500 meter plus zichtbaarheid.
Bronstatus. OFFICIEEL. Ministère de la Culture, gecontroleerd 20-8-2026. De codeartikelen zijn niet rechtstreeks gelezen.
N20 · Water, overstroming en wat de overheid adviseert
Référentiel de travaux de prévention de l'inondation, fiches 12, 13 en 17 · Arrêté du 23 septembre 2021
Status vooraf. Dit référentiel heeft uitdrukkelijk geen regelgevende strekking. Het is bedoeld om professionals te helpen de opdrachtgever te oriënteren bij de keuze van maatregelen. Advies, geen eis.
Circuitscheiding (fiche 12). Twee architecturen zijn mogelijk: afzonderlijk beveiligde circuits voor de overstroombare zone vanuit de hoofdverdeler, of een afzonderlijke onderverdeler voor die zone en de buiteninstallaties. Dezelfde fiche adviseert leidingen waar passend van boven naar beneden aan te leggen, zodat er na een overstroming minder water in buizen en mantels achterblijft, en beveelt een maandelijkse test van de differentieelbeveiligingen aan. Voor veiligheidswerk aan bestaande, niet-gerenoveerde installaties verwijst de fiche naar een gids van Promotelec.
Apparatuur boven water (fiche 13). Verdeelkasten, beveiligingsapparatuur en communicatievoorzieningen worden bij voorkeur boven het niveau van de referentie-overstroming of de hoogst bekende waterstand geplaatst; in een woning met meerdere bouwlagen bij voorkeur op een verdieping. Na een overstroming kunnen kabels, verdeelkasten, armaturen, contactdozen, schakelaars en motoren gevaarlijk beschadigd zijn, en ook beveiligingen zelf kunnen zijn aangetast; het advies is de hoofdvoeding uit te schakelen en de installatie vóór hergebruik volledig te laten controleren. Bij langdurige overstroming gaat fiche 12 verder dan dat: dan wordt volledige vervanging van het overstroomde elektrisch materiaal in het algemeen als de aangewezen benadering genoemd, vanwege corrosie, slib en mogelijke mechanische schade.
Zwembad bij hoogwater (fiche 17 en Géorisques). Wanneer een bassin onder overstromingswater verdwijnt, wordt de ligging onzichtbaar en ontstaat gevaar voor bewoners en hulpverleners. Fiche 17 adviseert in overstromingsgebieden bij voorkeur een vaste, perifere veiligheidsbarrière rond het bassin; kan het water hoger komen dan die barrière, dan adviseert de fiche aanvullend een duidelijk zichtbare, tijdelijke markering. Géorisques concretiseert dat laatste als bebakening op minstens 1,10 m hoogte, met voldoende hoge palen op de vier hoeken van het bassin.
Financiering. Het aanschaffen en installeren van voorzieningen om de contouren van zwembaden te materialiseren staat op de lijst van werken die in aanmerking komen voor het fonds ter preventie van grote natuurrisico's. Het subsidiepercentage bedraagt 80 procent voor werken aan woningen binnen de perimeter van een preventieplan of een overstromingsprogramma, met de mogelijkheid 30 procent vooraf te ontvangen.
Lokale bindende regels. Preventieplannen kunnen wél bindende bepalingen bevatten, bijvoorbeeld over de hoogte waarop verdeelkasten moeten worden geplaatst. De referentiehoogte is lokaal; dit dossier verzint daar geen landelijke waarde voor.
Bronstatus. OFFICIEEL ADVIES. Ministerie van ecologie en Géorisques, gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. C1, E1, E9, F4, F5, F6.
N21 · Wat u zelf mag doen
Règlement d'intervention CONSUEL · Code de l'environnement, art. R554-1 e.v. · Code de l'énergie, art. D342-19
Zelf werken mag. In Frankrijk bestaat geen beroepsmonopolie dat een eigenaar verbiedt aan de elektrische installatie van zijn eigen woning te werken. Het interventiereglement van CONSUEL bevestigt dat uitdrukkelijk: wanneer de opdrachtgever zelf tot de installatie overgaat, of haar onder zijn verantwoordelijkheid laat uitvoeren, is het aan hem om het conformiteitsattest op te stellen. Vaststelling.
Maar u tekent er wel voor. Het attest wordt gekocht en ingevuld door de auteur van de werken, die door ondertekening zijn verantwoordelijkheid engageert. Het wordt verplicht ter visering voorgelegd. De organisatie laat de controles uitvoeren die zij nodig acht, in voorkomend geval op basis van een statistische steekproef, en moet haar visum afhankelijk stellen van het wegnemen van vastgestelde gebreken. Eis.
Die steekproef is het verschil. Werkt een professional, dan komt er niet noodzakelijk iemand kijken, want die staat zelf in voor zijn opgave. Werkt u zelf, dan beschrijven meerdere onafhankelijke bronnen het controlebezoek als vast onderdeel van de procedure. Professioneel onderbouwd.
Graven op eigen terrein is niet vrij. De Franse anti-beschadigingsregelgeving maakt geen onderscheid tussen openbaar en privéterrein. Zij is dus ook van toepassing op een particulier die op zijn eigen grond een sleuf graaft, een omheining plaatst, bomen plant of een zwembad aanlegt.
Er zijn vrijstellingen, en ze zijn voorwaardelijk. Het officiële loket noemt er drie voor privéterrein: netten die de eigenaar zelf exploiteert en die binnen de omheinde perimeter van het perceel liggen, zijn vrijgesteld van registratie bij het centrale loket; netten die de eigenaar toebehoren maar niet door hem worden geëxploiteerd, zijn dat eveneens, mits er een overeenkomst over de veiligheid van de werken is getekend tussen de eigenaar en de exploitant; en werken zonder op privéterrein onder leiding van de eigenaar zijn vrijgesteld van voorafgaande melding, op voorwaarde dat die eigenaar zo'n veiligheidsovereenkomst met de betrokken exploitanten heeft gesloten.
Of en hoe een particulier zo'n overeenkomst kan sluiten, is in dit dossier niet uitgezocht. Openstaand.
Daarnaast noemt de administratie algemene uitzonderingen, waaronder werken zonder bouwvergunning die geen invloed hebben op ondergrondse netten en die in horizontale projectie meer dan vijf meter van elk bovengronds elektriciteitsnet liggen, of meer dan drie meter bij laagspanning, en land- en tuinbouwwerk voor oppervlaktebewerking van de bodem tot niet meer dan veertig centimeter diepte. Eis.
Wat dit betekent. Uw eigen tuinkabel binnen uw eigen omheining is niet het probleem. De netten van derden die uw perceel kruisen zijn dat wel, en dat weet u niet zonder te kijken. Raadpleeg vóór het graven het téléservice reseaux-et-canalisations.ineris.fr om te zien welke exploitanten er zijn. Dat kost niets en duurt een paar minuten.
Bij schade aan een net van een derde rust op degene die de werken uitvoert bovendien een vermoeden van aansprakelijkheid, en dat is lastig te weerleggen als u geen enkele voorafgaande stap kunt aantonen.
Wanneer een vakman. Er bestaat geen lijst van verboden handelingen. Wel drie momenten waarop het onvermijdelijk wordt: bij het aanvragen of wijzigen van een netaansluiting; bij ingrepen in de hoofdverdeelkast van een installatie waarvan u de opbouw niet kent; en bij het bepalen van kabelsectie en beveiliging voor een circuit waarvan u de belasting niet kunt overzien.
Openstaand: de verzekeraar. Dit is de zwaarste praktische vraag en dit dossier heeft er geen onderbouwd antwoord op. Uit te zoeken: de gebruikelijke bepalingen in een Franse opstalverzekering over zelf uitgevoerde werken, het verschil met de die alleen voor professionals geldt, en wat een verzekeraar in de praktijk verlangt na schade uit een zelf aangelegde installatie.
Bronstatus. WETTELIJK voor de graafregels en voor het opstellen van het attest. PROFESSIONEEL ONDERBOUWD voor het systematische controlebezoek. NOG TE VERIFIËREN voor het verzekeringsaspect en voor de veiligheidsovereenkomst. Gecontroleerd 20-8-2026.
Haakt aan. Alle klussen, als openingsvraag. In het bijzonder B1, C1, D1, D5, E1, F2, F3.
N22 · Onderhoud, controle en oude installaties
Ministerie, fiche 12 · Code de l'énergie, art. D342-19 III
Periodieke controle. Het nationale preventiereferentieel beveelt een maandelijkse test van de differentieelbeveiligingen aan. Advies.
Bestaande installaties. Bij gedeeltelijke renovatie moet rekening worden gehouden met de veiligheidstechnische verenigbaarheid tussen vernieuwde en behouden delen; het conformiteitsattest vermeldt dat uitdrukkelijk. Eis, binnen het bereik van D342-19 III.
Wat dit betekent. Een terugkerende aardlekstoring na regen is geen reden om de differentieelbeveiliging te omzeilen, maar reden om de fout te lokaliseren. Bij een onbekende bestaande leiding moet minimaal bekend zijn waar hij loopt, welk circuit hem voedt, welke beveiliging ervoor zit, of er een beschermingsgeleider aanwezig is, welk materiaal buiten staat, of er verbindingen in de grond zitten en in welke staat aansluitdozen en armaturen verkeren.
Openstaand. De gids van Promotelec waarnaar fiche 12 verwijst, is niet geraadpleegd.
Bronstatus. OFFICIEEL ADVIES voor de controle, WETTELIJK voor de compatibiliteit.
Haakt aan. E9, F1, F2, F3, F5, F6, F7.
Praktijkmodules · Dit ging mis bij een ander
Deze modules komen van Franse doe-het-zelffora en vakfora, nagevertelde ervaringen in eigen woorden. Het zijn geen normbronnen. Ze staan hier omdat een fout die u herkent meer waard is dan een regel die u vergeet.
Water en zwaartekracht
P1 · De buis als goot. Iemand met terugkerende aardlekstoringen tilt zijn putdeksel op. De aftakdoos staat tot de rand vol water, terwijl hij plat ligt met het deksel omhoog en volstrekt dicht is. Het water kwam uit een hoger gelegen put en liep via de mantelbuis naar beneden. Een buis is geen bescherming maar een goot die toevallig een kabel bevat. Les: kijk waar het water heen loopt op uw perceel, niet alleen waar de kabel heen loopt.
P2 · De waterdichte doos die niet kan afwateren. Een vakman haalt op hoe je vroeger een gaatje boorde in de bodem van een perfect waterdichte doos, om het water eruit te laten dat er via de achterkant toch in kwam. Waterdicht betekent ook dat wat erin komt er niet meer uit kan. Les: buiten wilt u een doos die afwatert, niet een die vasthoudt.
P3 · Condens zonder lek. Iemand vindt water in aftakdozen, schrikt, en droogt ze met een föhn. Er was geen lek: het was temperatuurverschil. Les: niet elk vocht is inloop.
P4 · De buis staat periodiek onder water. Iemand ziet water in de mantelbuis naar zijn zwembadtechniek, binnengekomen via de aftakkingen, en vraagt of hij moet dichten of dat de kabel in het water mag liggen. Daar is geen eenvoudig antwoord op gevonden. Les: ga ervan uit dat een ondergrondse buis vroeg of laat onder water staat. Dat is de normale toestand, niet het ongeluk.
P5 · Het klepje dat openblijft. Wie met zijn handen vol staat en moet bukken, laat het klepje open hangen. Les: de meeste IP-verliezen zitten in gedrag, niet in materiaal.
Verbindingen
P6 · De klem die losliep. Iemand met een verbrand aftakblokje vraagt of hij een zwaardere moet nemen. Het antwoord van de vakmensen: nee, de blokjes waren slecht aangedraaid, of aangedraaid en daarna bewogen zonder opnieuw vast te zetten. Een te groot blokje is bovendien gevaarlijker, want dan schiet de langs de schroef en zit hij klem zonder vastgezet te zijn. Les: buiten smelt niets door te dun, maar door te los.
P7 · De verbinding die u niet meer kunt openen. Op het ene forum krijgt iemand het advies zijn aftakdozen met gel of paraffine te vullen. Op het andere zegt iemand het omgekeerde: geen hars gebruiken, want dan komt u er nooit meer bij. Ze hebben allebei gelijk. Les: kies bewust. Onder de grond hoort een gietmof, die daarvoor is gemaakt. Boven de grond hoort iets dat u kunt vervangen. Houd overlengte, en beschouw een ondergrondse verbinding als eenmalig.
P8 · De reparatie die pas na drie jaar blijkt te zijn mislukt. In een draad over een doorgestoken kabel stelt iemand een gewoon aftakblokje met isolatietape voor. Een Belgische deelnemer brengt de realiteit terug: in een vochtig klimaat houdt een slecht beschermde soldeerverbinding het onder de grond niet lang. Les: een ondergrondse reparatie is een waterprobleem, niet een elektrisch probleem.
P9 · De aarde die u denkt te hebben. Een Nederlands of Duits Schuko-blok heeft aardcontacten aan de zijkant. Frankrijk gebruikt type E, met een aardpen in de wandcontactdoos. Een Franse stekker past mechanisch in Schuko en krijgt geen aarde. Het apparaat draait gewoon. Les: u verliest de eerste beschermingslaag en houdt alleen de laatste over, en u merkt er niets van tot het moment dat het ertoe doet.
Mechanisch
P10 · De trimmer wint altijd. Een elektricien op een vakforum noemt terloops dat de eigenaar zo dicht mogelijk langs het stopcontact maaide om niet te hoeven trimmen, en daarbij de buis afbrak. Les: de trimmer beschadigt meer buitenelektra dan de spade.
P11 · De paal door uw eigen kabel. Wie een kabel ondiep legt en later palen inslaat voor een hek, een lamp of een leiplank, raakt hem een keer. Les: sla geen paal in zonder te weten waar uw kabel ligt. Dat is een risico dat u zelf heeft gemaakt en dus zelf kunt wegnemen.
P12 · Grond die stijgt. Wat bij aanleg twintig centimeter boven maaiveld zat, zit er over tien jaar tien boven. Les: monteer met marge.
P13 · Wortelgroei. Wortels kruisen tracés en drukken buizen op. Wat een boom over tien jaar doet, weet niemand. Les: onder bomen is ingraven niet vanzelf de beste keuze.
P14 · UV. Materiaal dat jarenlang in de zon ligt, veroudert. De rode mantelbuis die mensen bovengronds als bescherming gebruiken, is daar juist slechter tegen bestand dan de kabel zelf. Les: bovengronds is een ander materiaalverhaal dan ondergronds.
Ontwerp
P15 · Te krap afgeknipt. Zonder overlengte koopt u zichzelf één reparatie en daarna een nieuwe sleuf. Les: genoeg om de verbinding een tweede keer te maken zonder te trekken.
P16 · De sleuf zonder reservebuis. De sleuf is één keer open. Een tweede lege buis met trekdraad kost bij aanleg bijna niets. Les: doe het meteen.
P17 · Gedimensioneerd op vandaag. Eén stopcontact voor de maaier, en tien jaar later een hogedrukreiniger, een pomp en een terrasverwarmer. Les: koper is bij aanleg het goedkoopste onderdeel en achteraf het duurste.
P18 · Alles op één groep. Een natte tuinlamp die het hele huis meeneemt is hinderlijk. Bij afwezigheid, met een diepvriezer of een vorstbeveiliging aan diezelfde groep, is het duur. Les: scheid buiten van binnen.
P19 · Het permanente apparaat op een stekker. Een vijverpomp die tien jaar onafgebroken draait via een stekker in een buitendoos is een verlengsnoer met een net jasje aan. Les: wat permanent draait, hoort vast aangesloten.
P20 · De aftakking die is begraven. Een verbinding die u niet kunt bereiken zonder spade, is een verbinding die u niet gaat controleren. Les: leg verbindingen waar u ze kunt terugvinden.
Materiaal en herkomst
P21 · Nederlands materiaal in een Franse installatie. Iemand koopt in Nederland een deugdelijk, gekeurd blok van een goed merk, doet niets verkeerd naar Nederlandse maatstaven, en maakt in Frankrijk een niet-geaard punt in zijn tuin. Les: de fout zit niet in het product en niet in de klusser, maar in de landsgrens.
P22 · Het verlengsnoer dat tijdelijk was. Drie zomers over het gras, door de , en 's winters onder de sneeuw. Les: als het er na één seizoen nog ligt, is het geen tijdelijke oplossing meer.
P23 · Binnenmateriaal buiten gebruikt. Een binnendoos onder een afdak lijkt beschut. Regen komt schuin en condens komt overal. Les: onder een afdak is niet binnen.
Nazorg
P24 · Niet vastgelegd waar het ligt. Dit is de fout die alle andere duurder maakt. Een gietmof is waterdicht maar niet vindbaar. Een tracé is na één regenbui onzichtbaar. Les: fotografeer de open sleuf met een meetlint erbij en teken het tracé. Vijf minuten werk, en het is het enige wat u later niet kunt inhalen.
P25 · De aardlek die nooit is getest. De testknop wordt bij de één keer ingedrukt en daarna nooit meer. Het nationale preventiereferentieel adviseert dat maandelijks te doen. Les: het apparaat dat u moet beschermen, kan zelf stuk zijn.
Bronnen, status en wat nog open staat
Wat primair is gecontroleerd
Wettelijke teksten, rechtstreeks in Légifrance of bij het verantwoordelijke ministerie: het Arrêté du 3 août 2016 in zijn geheel, met de artikelen 1 tot 5; het Arrêté du 17 mai 2001 artikel 37; de Code de l'énergie artikel D342-19; de Code civil artikel 1253; het Arrêté du 27 décembre 2018; de Code de la construction et de l'habitation artikel R134-55 en volgende.
Officiële overheidsbronnen: het préventiereferentieel voor overstroming met de fiches 12, 13 en 17 bij het ministerie van ecologie; Géorisques; de zwembadbeveiliging bij het ministerie van ecologie; de regels voor abords van monuments historiques bij het ministerie van cultuur; het téléservice voor netten bij Ineris; het interventiereglement van CONSUEL.
Normstatus en toepassingsgebieden: de publicatiepagina van AFNOR over de reeks 2024; de officiële weergave van het toepassingsgebied van NF C 15-100-10, 7-702 en 7-715.
Wat op tweede hand berust
NF C 15-100 artikel 529.5 over begraven leidingen. De weergave is woordelijk maar komt uit een secundaire bron met volledige artikelnummering. Dit is het zwaarste openstaande punt van dit dossier, want vier klussen leunen erop.
De primaire tekst is legaal en gratis te raadplegen bij AFNOR, omdat de editie 2002 nog in regelgeving wordt aangewezen. Artikel 529.5 staat op pagina 262 van dat exemplaar. Een poging op 20 augustus 2026 om die tekst zo te raadplegen liep vast op een kijk-alleen-PDF; zie data/woordenlijst/traject/electriciteit-buiten-v0.6.md.
Aanvullend, secundair (Promotelec, 21 augustus 2026). Een tweede, onafhankelijke professionele bron bevestigt dezelfde kabeltypen, dezelfde dieptes (0,50 m / 0,85 m) en dezelfde waarschuwingsvoorziening (0,20 m erboven, aanbevolen kleur rood), zonder zelf artikel 529.5 te citeren. Zie data/woordenlijst/traject/electriciteit-buiten-v0.7.md voor het volledige verslag, inclusief een tegenstrijdigheid in Promotelecs eigen fiches die daarom niet is overgenomen.
De acht punten die nog open staan
- Aanlegdiepte voor de privé-installatie. Weergave uit tweede hand, artikel 529.5.2. Onafhankelijk bevestigd door Promotelec, zonder artikelnummer.
- Kabeltypen en directe begraving. Idem, artikel 529.5.1. Onafhankelijk bevestigd door Promotelec, zonder artikelnummer.
- Plaatsing van het waarschuwingsnet. Idem, artikel 529.5.4. Onafhankelijk bevestigd door Promotelec; één Promotelec-fiche zelf spreekt zichzelf hierover tegen, zie N4.
- Scheiding van stroom, water en telecom. Idem, artikel 529.5.3, plus de algemene bepaling over nabijheid die niet is gecontroleerd.
- IP- en IK-keuze per situatie. De classificatie van externe invloeden is niet gecontroleerd. Vindplaats: artikel 512 op pagina 185 en artikel 522 op pagina 237.
- Beschermingsvolumes en equipotentiaal bij zwembaden. Maten van de volumes niet primair gecontroleerd, wel gevonden: artikelnummers 702.53, 702.410.3.101.3 en 702.415.2 (via Promotelec). IP-waarden per volume blijven niet gevonden: Promotelecs eigen bronnen spreken elkaar tegen. Dit dossier geeft daarom nog steeds geen maten en geen tekening van die zones.
- Type F en type B differentieelbeveiliging. Drie professionele bronnen, waaronder Promotelec: aanbeveling, geen eis, pas in de reeks 2024 ingevoerd (Partie 5-53). Primaire clausule niet gecontroleerd.
- Parafoudre. De criteria zijn nu secundair onderbouwd (tableau 44B, amendement 1: niveaus AQ1/AQ2, drempels Ng/Nk, paratonnerre-regel, type 1/type 2), via Promotelec en Schneider. Vindplaats voor de 2002-basis: artikel 534 op pagina 265; in de reeks 2024: artikel 534.1 van NF C 15-100-1. Primaire normtekst niet ingezien.
Daarnaast open:
- Spanningsval over lange trajecten. Artikel 525, pagina 257. Raakt C1 rechtstreeks.
- Verbindingen. Artikel 526, pagina 258.
- Aarding van een los bijgebouw. Raakt C4.
- Losse opritpoorten. Wat er geldt buiten de bepalingen voor garagepoorten.
- De verzekeraar bij zelf uitgevoerd werk. Raakt N21 en daarmee elke klus.
- Het woningdeel van de norm. In de editie december 2002 heet dat Partie 7-771 en loopt het van pagina 466 tot ongeveer 495. Titel 10, waarnaar het Arrêté du 3 août 2016 verwijst, ontstaat pas met amendement A5 uit 2015 en is een apart document.
- De status van de editie 2002 zelf. De catalogus van AFNOR toont die als geldend én met een geplande annuleringsdatum in augustus 2025. Zolang dat niet is opgehelderd, noemt dit dossier bij elke verwijzing de editie.
Over de editie 2024
De reeks 2024 is sinds september 2025 de technische referentie en bestaat uit 21 normen. De artikelen 512, 522, 525, 526, 528 en 529.5 vallen binnen de titels 1 tot 6 van de oude editie en zijn in augustus 2024 herzien in NF C 15-100-1. Of en hoe hun inhoud is gewijzigd, is niet vastgesteld. Voor elk van die punten geldt dus twee keer een voorbehoud: de weergave van 2002 is niet primair gecontroleerd, en 2024 kan afwijken.
Wat dit dossier bewust niet doet
Het geeft geen maten die niet uit een gecontroleerde bron komen. Het maakt geen tekening van zwembadzones zolang de maten niet vaststaan. Het reproduceert geen normtekst. Het presenteert geen rekenvoorbeelden met verzonnen getallen. En het vervangt geen keuring: waar dit dossier zegt dat u iemand nodig heeft, is dat geen beleefdheidsformule.
Klussen in Frankrijk · dossier Buitenelektra · V1.0 · 20 augustus 2026