Kleine Franse bestuurselite frustreert hervormingen en vernieuwingen

ENADe Britse zakenkrant Financial Times heeft kritische gepubliceerd over het typische Franse stelsel van de bestuurlijke elite, gemodelleerd en gevormd door de prestigieuze grandes écoles. De krant heeft meer waardering voor de Fransen die weten te slagen in het buitenland zonder het verkalkte protectoraat uit de Franse hoofdstad, dat verantwoordelijk is voor het op slot houden van de politieke, bestuurlijke en economische ontwikkeling en vooruitgang van Frankrijk. Hervormingen zijn nauwelijks mogelijk, het land verstart. De succesrijken in het buitenland hebben allen gemeen dat zij niet van deze elite stammen.

Volgens Erwan le Noan, voorzitter van een vereniging die leerlingen van het lyceum uit moeilijke wijken voorbereidt op de toelatingsconcoursen voor de grandes écoles en hoger onderwijs, vallen twee categorieën van economische ballingen te onderscheiden: de in Frankrijk fiscaal getergden en de Franse ondernemers. Het aantal fiscale ballingen neemt de laatste tijd toe. Het gaat om mensen die zijn geslaagd in Frankrijk en nog wat willen genieten van hun succes in plaats van hun opgebouwde kapitaal te offeren aan de Franse belastingdiensten. De ondernemers zijn vertrokken om te slagen, want de sociale atmosfeer, de administratieve druk en het weinig bemoedigende economische klimaat in eigen land maken het hun onmogelijk hun dromen Frankrijk te realiseren. Vooral jongeren met ambitie ontvluchten het verstikkende en somberende klimaat en zoeken elders meer lucht. In Londen zijn de voorbeelden talrijk, maar ook in de Verenigde Staten, Canada en Azië zijn veel Fransen neergestreken. Toch zijn er ook onverzettelijken die in Frankrijk blijven en daar hun bedrijven stichten, waarvan sommige succesrijk blijken. ‘Ons land telt nog tal van ondernemers die onze economie gelukkig in beweging zetten’, aldus le Noan in de internetkrant Atlantico als reactie op het verhaal van de Financial Times.

De sinds 2002 in Parijs werkende Engelse journalist Peter Gumbel, docent aan de Sciences Po (grande école voor de politieke wetenschappen), heeft zich in het fenomeen van de France elite verdiept en schreef daarover eem boek. Hij zegt niets tegen elitaire instituten te hebben – ze bestaan overal in de wereld – maar in Frankrijk zijn deze instellingen niet gezond. Hij noemt daarvoor drie redenen: de leerlingen van deze instituten worden toegelaten op te smalle en onwrikbaar lijkende criteria. Sociale verscheidenheid is er nauwelijks, de studenten komen uit dezelfde betere wijken en zijn uniform gemodelleerd. Naar vormen van creativiteit bijvoorbeeld wordt niet gevraagd. De bevolking van de grandes écoles is door de selectiemethode niet echt gemotiveerd om later prestaties te leveren, een opstelling en houding die overigens ook bij veel andere Fransen voorkomt, op school en op het werk. Ten slotte, de netwerken die voortkomen uit de grandes écoles en de très grandes écoles zijn veelal incestueus. Jaarlijks leveren de Ecole polytechnique en de ENA (École Nationale d’Administration) samen 480 gediplomeerden af, 0,057% van hun leeftijdsklasse. Deze minuscule aantallen gaan niettemin de zaken- en politieke wereld beheersen. Het is niet verwonderlijk dat deze welgemanierde theoretisch geschoolde elitairen in de hoge bestuurslagen en in de grote ondernemingen weinig opzienbarends presteren en met matige resultaten komen. Daarom zoeken de talentvollen uit de grote middenmoot van de Franse samenleving oplossingen buiten eigen land of worden opstandig.

Éric Verhaeghe, oud-voorzitter van APEC (Association pour l’emploi des cadres) en schrijver van het boek met de veelzeggende titel Faut-il quitter la France? ziet de vanzelfsprekende attitude van de mannen en vrouwen van de grandes écoles als een voortzetting van de cultuur van de beschaafde en wellevende mens onder Lodewijk XV. Men bezit een ruim gedachtegoed, men heeft overal een opvatting over, men weet overal over mee te praten. De handen zijn altijd schoon, echt fysiek werken doen deze mensen niet. Wie van een grande école komt heeft nooit vuile nagels. Deze elite stamt nog rechtstreeks uit de aristocratische conceptie die opgeld deed sinds het Ancien Régime. François Hollande is nog omringd met de énarques, polytechniciens en anderen van de grandes écoles en Sarkozy, als niet-énarque, werkte met deze traditionalisten, maar koesterde wel een zekere aversie tegen deze elitairen. Hollande heeft de traditie niet gewijzigd.

De laatste tien jaar valt waar te nemen dat er voorzichtig kleine veranderingen komen in het stelsel, de grandes écoles beginnen te beseffen dat enige aanpassing aan een nieuw tijdperk nodig is. Zij zijn iets meer naar buiten gericht en geïnternationaliseerd, de toelatingsprocedure via de classes préparatoires zijn niet langer verplicht. Maar het automatisme dat hoge posten in belangrijke bestuursorganen van de Staat worden bevolkt door de elite heerst nog steeds. Een werkelijke verandering vindt pas plaats, zeggen de critici, als de grote instellingen hun keuze laten bepalen door de talenten en kwaliteiten van de te vervullen functies én als de ‘gewone’ universiteiten meer middelen en mogelijkheden krijgen om kwalitatief bekwame bestuurders en ondernemers af te leveren.

Reageren kan op het forum

©2018 Communities Abroad  |  infofrankrijk.com

DISCLAIMER

Login

of    

Forgot your details?

Create Account