Franse overheid voert krachtiger anti-diesel beleid

diesel3Door het bewust laag houden van de heffingen op dieselolie loopt de Franse overheid jaarlijks veel geld mis, naar schatting rond de € 7 miljard in 2011, zo heeft de Franse Rekenkamer berekend. Frankrijk is een diesel-land, bijna driekwart van de personenauto’s rijdt op gazole, omdat het goedkoper is en zuiniger rijdt. De prijs is ook laag voor transportondernemingen, scheepvaart en niet te vergeten de landbouw, die nog veel goedkopere diesel gebruiken dan die aan de pomp voor particulier gebruik.

Inmiddels is genoegzaam bekend dat het massaal verbranden van dieselolie ernstig vervuilend is door het uitstoten van CO2 maar vooral door de fijne roetdeeltjes, die in stedelijke gebieden schadelijk zijn voor de bevolking. De discussie over deze uitzonderingspositie voor dieselolie loopt al enige jaren en lijkt nu tot maatregelen te leiden: de fiscale gelijkschakeling van diesel met benzine en en het wellicht weer invoeren van een sloopregeling, maar dan alleen voor oude dieselauto’s. Er zijn er veel van. In 1990 reed een derde van het Franse wagenpark op diesel, in 1990 de helft en nu meer dan 70%. Hoewel al in 1999 was besloten de belastingen op benzine en dieselolie naar elkaar te laten toegroeien, is het verschil tussen de heffingen nog aanzienlijk. Op een liter benzine wordt nu 86 centimes belasting geheven en op diesel 65 centimes.

Volgens de minister van Milieu is het onvermijdelijk dat de belasting op diesel geleidelijk – bijvoorbeeld met 2 centimes per jaar – aan wordt gelijk getrokken met die op benzine en dat vooral ook uit gezondheidsoverwegingen. Jaarlijks zouden 40.000 mensen voortijdig overlijden aan de gevolgen van de vervuiling door verbranding van diesel. Ook de kortingen en vrijstellingen voor veelgebruikers van diesel zullen tegen het licht moeten worden gehouden, want de overheid is nog op zoek naar € 3 miljard om de belastingversoepeling te financieren voor de ondernemingen die hun concurrentiepositie moeten verbeteren.

De regering denkt nu na over de herinvoering van de op 1 januari 2011 afgeschafte slooppremie voor oude auto’s. De milieuminister heeft dit aan de Rekenkamer laten weten als reactie op de rapportage van de rekenmeesters dat de lage belasting op diesel zou moeten verdwijnen. Bezitters van oude dieselauto’s, de grootste vervuilers en verspreiders van de fijne roetdeeltjes, die hun auto naar de sloop brengen en een schone auto kopen, zouden in aanmerking moeten komen voor de slooppremie. Dat is ook goed voor de Franse automobielindustrie die in ernstige moeilijkheden verkeert en de verkopen dramatisch ziet dalen. De prime à la casse zou volgend jaar moeten ingaan. De regering prefereert de uitdrukking prime à la reconversion.

De extreeem hoge daling van de verkoop van nieuwe auto’s heeft in 2012 voor het eerst gezorgd voor een evenwicht tussen de ontvangsten en uitgaven van het bonus/malus-systeem. Werd aanvankelijk nog rekening gehouden met een verlies voor de staat van € 100 miljoen, gebleken is dat vorig jaar voor € 230 miljoen werd uitgekeerd als bonus aan kopers van schone nieuwe auto’s, ongeveer evenveel als werd ontvangen aan malus van kopers van auto’s met meer uitstoot van CO2. Bovendien zijn de normen steeds verder opgerekt. Begonnen de bonussen in 2010 pas te tellen bij een uitstoot van minder dan 125 gram per kilometer, nu is dat verlaagd tot 105 gram. Steeds meer doorsnee auto’s kwamen daarmee in het malus-regime te vallen. In de jaren 2009 en 2010 dreigde het systeem aan eigen succes ten onder te gaan. De tekorten voor de overheid liepen op tot € 500 miljoen. Het totale gecumuleerde tekort van 2008 tot 2001 steeg tot € 1,45 miljard. Na het jaar van evenwicht in 2012, houdt de overheid nu rekening met een nieuw, maar kleiner tekort. Aan bonus zal vermoedelijk ruim € 450 miljoen worden uitgekeerd en zal € 400 miljoen uit malus-betalingen binnen komen.

Reageren kan op het forum

©2018 Communities Abroad  |  infofrankrijk.com

DISCLAIMER

Login

of    

Forgot your details?

Create Account