|
|
|
Nieuw werkstatuut: auto-entrepreneur
Om de economische groei een stimulans te geven en ook zwart werken te ontmoedigen, heeft het Franse parlement in de zomer van 2008 de wet op de modernisering van de Franse economie aangenomen die onder meer voorziet in de vorming van nieuwe regels waarbij werknemers, werklozen en anderen gemakkelijker betaalde activiteiten kunnen gaan uitvoeren. Het nieuwe statuut voor individuele personen (werknemers, studenten, werklozen, gepensioneerden e.a.), dus niet voor vennootschappen, gaat in op 1 januari 2009.
Hervé Novelli, de staatssecretaris voor het midden- en kleinbedrijf, verwacht dat met het nieuwe systeem ten minste 400.000 nieuwe activiteiten zullen kunnen worden opgezet. En dat alles via een simpele klik op internet. Ook ingewikkelde inschrijvingen bij Kamers van Koophandel, wachtrijen en documenten in zoveel-voud zijn voor deze nevenactiviteiten niet nodig. Het gaat om een nieuw stelsel van vereenvoudigde regels voor bedrijfsactiviteiten die zich tot nu toe buiten het zicht van de overheid afspeelden, of die mensen niet wilden opstarten wegens al het gedoe van een bedrijfsinschrijving, op een zo simpel mogelijke manier binnen het stelsel te brengen. Het doel is mensen aan te zetten tot commerciële activiteiten en hen te ontlasten van de taaie inschrijfprocedure of om mensen aan te moedigen tot het legaliseren van wat tot nu toe zwart gebeurde. Een simpele inschrijving bij het CFE volstaat (Centre de formalités des entreprises). Het nieuwe regime is bedoeld voor bescheiden activiteiten door Franse ingezetenen waarvan de jaaromzet kleiner is dan € 80.000 voor handelsactiviteiten (aan- en verkoop, verkoop van consumpties ter plaatse en verzorging van onderdak) en lager is dan € 32.000 voor overige vormen van dienstverlening. Bij dergelijke activiteiten is het voeren van een BTW-administratie niet nodig: de auto-entrepreneur betaalt gewoon TVA, maar kan betaalde TVA niet aftrekken.
Het werken onder het statuut van de auto-entrepreneur kan flink wat voordelen opleveren. De premie- en belastingbetaling gebeurt via het forfait van 13% voor handelsactiviteiten, 23% voor de commerciële dienstverlening en 20,5% voor vrije beroepen. Wie geen omzet heeft gedraaid, betaalt ook geen forfait, maar blijft wel verzekerd via zijn bestaande statuut (werknemer, werkloze, gepensioneerde). Ook is de procedure om onder het regime te vallen eenvoudig en behoeft er geen stage te worden gevolgd. De ondernemer is bovendien drie jaar vrijgesteld van het betalen van de lokale belasting, de taxe professionnelle. Wie in aanmerking wenst te komen voor het nieuwe stelsel mag over 2007 geen hoger belastbaar gezinsinkomen hebben genoten van € 50.390. Het betalen van belasting uit inkomsten/omzet gebeurt gelijktijdig met de betaling van de sociale premies, per maand of per kwartaal. Ook hier, wie in een periode geen omzet heeft, betaalt niet de inkomstenbelasting. De cijfers nog eens op een rij: de omzetten zijn aan een maximum gebonden: € 80.000 voor handelsactiviteiten waarover de ondernemer 13% (12% sociale premies en 1% belasting) betaalt. De cijfers voor een dienstverlenende activiteit zijn 23% (21,3% sociale premies en 1,7% belasting) met een maximale omzet van € 32.000 en voor vrije beroepen gelden de percentages 20,5 (18,3 premies en 2,2 belasting). Wim van Teeffelen van Ondernemen-Frankrijk tekent hierbij aan dat 'het nieuwe regime alleen maar kijkt naar dat gedeelte van je leven dat met de bedrijfsactiviteit te maken heeft. Iedereen die een onderneming start in een van deze regimes, heeft al een leven buiten de onderneming. Dat blijft in tact. Iemand die met pensioen is, betaalt al ziekenfondspremie en belasting en als hij een bedrijfje begint betaalt hij 13% of 23% van de omzet aan de overheid en de rest is voor hemzelf. Iemand die werkloos is, blijft in het ziekenfonds voor werklozen, iemand die van zijn vermogen leeft, betaalt al sociale lasten, ziektekostenverzekering. Dit is dus het grote verschil met het oprichten en inschrijven van een bedrijf onder een van de andere belastingregimes: die veranderen je status. Als je tot nu toe in een particuliere verzekering zat, maar je richt een bedrijf op dat je ook inschrijft onder het klassieke micro-regime of het regime réel, dan verandert je status: je wordt o.a. toegelaten in het ziekenfonds en het pensioenfonds voor ondernemers. De auto-entreprise verandert je status niet.' Voorbeeld: een huishouden bestaat uit een koppel zonder kinderen. Meneer beschikt over een netto salaris van € 16.005. Mevrouw behaalt uit een micro BIC een omzet van € 65.500, ofwel een belastbare opbrengst van € 18.995 na de bekende vrijstelling van 71% (die is 50% voor de commerciële dienstverlening en 34% voor de overige niet-commerciële activiteiten). Het belastbare inkomen van het stel (in Frankrijk worden de huishoudens aangeslagen) is dan € 35.000 (de € 16.005 van meneer en de € 18.995 van mevrouw. Belasting vóór de nieuwe wet: € 2346 volgens het gewone schijventarief. Belasting met de nieuwe wet als mevrouw de activiteiten als auto-preneuse gaat uitvoeren: de heffing voor haar is € 655 (1% van € 65.500). Op het inkomen van meneer wordt het gewone schijventarief losgelaten (€ 1072), zodat de totale belasting van het gezin uitkomt op € 1727 (€ 655 + € 1072), een besparing derhalve van € 619. Wel komen er nog de - hoge - sociale premies bij.
Wim van Teeffelen: 'als je al een 'status' hebt in Frankrijk, dan is de auto-entreprise een middel om wat geld bij te verdienen op legale wijze zonder dat je je als bedrijf hoeft in te schrijven in een handelsregister. Heb je nog geen status is Frankrijk (bijvoorbeeld Nederlanders die net arriveren), dan is de auto-entreprise geen middel om aan een goedkope ziektekostenverzekering te komen. Voor hen die al een micro-entreprise hebben, wordt ook de mogelijkheid geboden die de auto-entrepreneur heeft om sociale lasten en belasting in een vast percentage per maand of kwartaal af te rekenen (de genoemde 13% van de omzet voor verhuur en commerce, 23% voor diensten). Als je al een micro hebt, heeft oprichting van een auto-entreprise totaal geen zin, tenzij je in een nieuwe bedrijfsactiviteit stapt.'
Hoewel nog op een aantal punten geen volledige duidelijkheid bestaat over de bijzonderheden en de uitvoering van de nieuwe regeling, is het inmiddels toch wel helder geworden hoe de redenering in elkaar steekt. Wim van Teeffelen meent het aldus: 'je hebt status X, op basis daarvan betaal je een bedrag Y aan belasting en Z aan sociale lasten (en dus ben je verzekerd tegen ziektekosten enz.). Als je een bedrag A wit bijverdiende, ging dat tot nu toe in de vorm van een bedrijfsinschrijving (veel gedoe, niet aantrekkelijk) of werd het opgegeven als bijverdienste op je aangifteformulier inkomstenbelasting en bij de sociale verzekeringsinstanties. Je moest dan overal aangeven dat je niet Y en Z moest betalen, maar een hoger bedrag Y+ en Z+, wegens de bijverdienste A. Dat wil men nu veranderen door tegelijk met de omzet een bedrag van 13 of 23% in rekening te brengen, zodat er geen nabetalingen meer nodig zijn. Op basis van je status X was je al verzekerd voor ziektekosten e.d. Het is dus niet zo dat je door betaling over de auto-entreprise-omzet wel sociale lasten betaalt, maar daar geen verzekering voor terug krijgt. Nee, je bent al verzekerd, maar je betaalt nu meer voor dezelfde dekking, precies hetzelfde als je een bedrijf hebt dat meer omzet maakt; dan betaal je ook meer aan sociale lasten.'
De in Frankrijk zetelende belastingadviseur Rob van Schijndel hierover: 'dat de nieuwe mogelijkheden niet zouden kunnen voor Nederlanders die de komende tijd richting Frankrijk vertrekken voor het opstarten van een eigen zaak, begrijp ik dan ook niet. Die richten gewoon een entreprise individuelle op (als dat niet zou kunnen via het auto-entrepreneurschap, dan gewoon op de normale manier), en geven dan later aan dat ze de premies gelijk achteraf willen betalen over de behaalde omzet.'
Wim van Teeffelen: 'dit klopt, dan richten ze een eenmanszaak op binnen het micro-regime. Dat is wat anders dan een auto-entreprise. Je 'statut' blijft overeind, dat is de truc met de auto-entreprise en de micro social/fiscal, de laatste als ook een weer nieuwe vorm in situaties waarin het gezinsinkomen hoger is dan die € 50.395. Als je status die is van werkloze, werknemer, gepensioneerde, dan betaal je nu al belasting en sociale lasten via een van de toepasselijke regels, behorende bij je statut. Zet je er een auto-entreprise bij, dan betaal je 13%, resp 23% extra van die omzet. De overige cotisations van je huidige status blijven overeind. Heb je geen status, bijvoorbeeld Nederlanders die vers arriveren in Frankrijk, dan val je in feite onder de pre-pensioeners, met een particuliere ziektekostenverzekering en belasting en sociale lasten, te betalen over je wereldinkomen (spaargeld, rente, lijfrente, pensioen, wat dan ook). Over het algemeen betalen pre-pensioeners meer aan de Franse overheid dan ondernemers (wegens de overheidssubsidies aan o.a. het ziekenfonds voor ondernemers). Dus een pas gearriveerde Nederlander is beter af met de normale oprichting van een bedrijf (bijvoorbeeld een eenmanszaak in het micro-regime, of een van de andere varianten), dan met de oprichting van een auto-entreprise, zeker indien de onderneming enige omvang krijgt.'
| Voor verhuurders van vakantiehuizen verandert er niets. Even leek het erop dat de huurpenningen op een andere manier zouden worden belast via de micro-entreprise en de forfaitaire aftrek van 71% zou dalen naar 50%. Besloten is echter om de verhuur van dergelijke huizen te blijven beschouwen als 'commerce' en niet als 'service', zoals even leek te worden overwogen. Over de 29% overblijvende winst wordt een Nederlandse verhuurder die in Frankrijk belastingplichtig is belast volgens het schijventarief van de Franse inkomstenbelasting. Het tarief is 20% voor een Nederlandse verhuurder die in Nederland belasting moet betalen. |
Informatie in het Frans op www.lautoentrepreneur.fr. Op deze site kunnen de nieuwe auto-entrepreneurs online hun activiteiten melden en maandelijks of per kwartaal hun omzetten doorgeven. |
Print dit artikel
|

* U wilt uw eigen bedrijf starten in Frankrijk? * U wilt uw eigen vak uitoefenen in Frankrijk? * U wilt een bedrijf overnemen in Frankrijk?
Maar hoe pakt u dat aan? Voor advies en begeleiding, mail ons! www.ondernemen-frankrijk.nl | Werken in Frankrijk
De werkloosheid is nog hoog in Frankrijk (iets boven de 8% voorjaar 2008), zodat het niet gemakkelijk zal zijn om zomaar ‘een baantje’ te krijgen. Wel is er een schreeuwend tekort aan bouwvakpersoneel en aan werkers in de dienstverlening, vooral in de horeca. Ook op verpleegkundig gebied zijn er nog voldoende banen te krijgen, ook voor buitenlanders. De arbeidsbureaus in Frankrijk kunnen wellicht iets betekenen; men kan zich in elk geval laten inschrijven bij een vestiging van de ANPE (Agence Nationale pour l’Emploi). Op de website van deze grote organisatie staan tienduizenden vacatures. Naast de ANPE zijn er ook nog andere websites (zie Links onderaan deze pagina), ook Nederlandse, waarop vacatures staan.
EU-onderdanen hebben geen verblijfsvergunning meer nodig als zij in Frankrijk gaan wonen of werken. Wie een zelfstandig beroep uitoefent (dat geldt niet voor artsen, advocaten, kunstenaars en dergelijken), moet desgevraagd aantonen dat hij of zij in het eigen onderhoud kan voorzien en beschikt over een ziektekostenverzekering.
Banen bij de Franse overheid zijn in principe niet weggelegd voor niet-Fransen. Vragen en antwoorden over de meest uiteenlopende zaken staan op de website Service-Public. In het Frans, dat wel. Ondernemende Nederlanders die klaar zijn met de verbouwing van het Franse onderkomen en zich afvragen ‘wat nu?’, kunnen denken aan het opzetten van een eigen bedrijf(je) en kunnen daarbij de hulp inroepen van een aantal raadgevende instanties. Zo is er de EGEE, Entente des Générations pour l’Emploi et l’Entreprise. In elke regio en elk departement zijn afdelingen van deze organisatie gevestigd, die starters adviseren bij het opzetten van een eigen bedrijf, daadwerkelijk kunnen meedoen met de voorbereiding en ook financieringsmogelijkheden kunnen aanreiken.
|
Europese vacaturebank Werkzoekenden in de Europese Unie kunnen terecht op de website EURES, het Europese portaal voor beroepsmobiliteit, waarop op den duur één miljoen vacatures worden geadverteerd. Op dit moment staan er bijna 750.000 vacatures op. Door de ingebruikstelling van EURES hoopt Europees commissaris Spidla (sociale zaken) de mobiliteit van werknemers tussen EU-lidstaten te vergroten om meer economische groei te bewerkstelligen. De EURES-vacaturebank wordt dagelijks door de Europese arbeidsbureaus op de nieuwste stand gebracht. Vacatures die vervuld zijn, worden uit de vacaturebank verwijderd. |
|
Druivenplukken of een au pair-baantje Het romantische druivenplukken door jongelui uit Nederland wordt nog steeds gedaan. Diploma's zijn in ieder geval niet nodig. Travel Active Programmes in Venray richt zich op restauratieprojecten in Zuid-Frankrijk, druivenplukken in de Beaujolais, stages en au pair. Het in Groningen gevestigde Activity International biedt ditzelfde soort werk aan, naast talencursussen aan de Côte d'Azur. France Personnel uit Amsterdam bemiddelt in het verkrijgen van tijdelijke en vaste banen in Frankrijk en biedt ook au pair-mogelijkheden. Andere adressen: The JoHo Company, Au Pair World en druivenplukken.nl. Tijdelijk werk moet officieel vergezeld gaan van een CDD, contrat à durée déterminée, een tijdelijk arbeidscontract. Tijdelijk werken bij eenzelfde baas is, afhankelijk van de omstandigheden, aan een limiet van 24 maanden gebonden. Een vast contract heet in Frankrijk een CDI (contrat à durée indéterminée). |
Print dit artikel
Solliciteren in Frankrijk Het doen van open sollicitaties is niet ongewoon, maar een echte sollicitatiebrief behoort tot de gebruikelijke procedure. Bij voorkeur is de korte brief met de hand geschreven en vermeldt vooral zaken als genoten opleiding en opgedane ervaring. Een CV (curriculum vitae) bestaat vooral uit het netjes opsommen van de levensloop, waarbij wordt begonnen met de laatste baan of functie. De Nederlandse instellingen CWI en UWV hebben de sollicitatieprocedures in Frankrijk onderzocht en komen daarbij tot enkele nuttige tips: 'Benadruk uw talenkennis, de Fransen beheersen zelden één of meer talen. Pas afgestudeerden moeten hun stages onder 'werkervaring' vermelden. Hebt u minder dan vier jaar werkervaring, dan moet u uw stages vermelden. Een Franse werkgever zal bepaalde Nederlandse termen niet begrijpen. Dat geldt voor opleidingen (bijvoorbeeld 'havo') en voor functies. In Frankrijk kan de functie 'officemanager' bijvoorbeeld uit andere werkzaamheden bestaan dan in Nederland. Het is daarom belangrijk om de inhoud van de opleiding en werkervaring te beschrijven. Probeer waar mogelijk ook een vergelijkbare benaming voor de opleidingen en functies te vinden.
Bij sollicitaties via internet wordt vaak een elektronische levensloop (ECV) toegevoegd. Een gewoon CV bestaat uit een korte opsomming van gegevens. In het ECV kunt u de gegevens uitgebreider omschrijven. Bijvoorbeeld uw eigenschappen en de persoonlijke doelen die u wilt bereiken. In Frankrijk schrijven steeds meer mensen een projet professionnel. Dat is een beschrijving van de carrière die u wilt maken. Het bevat informatie over de functie die u wilt, de verantwoordelijkheid die u wilt dragen en het gewenste salarisniveau. Ook beschrijft het de bedrijfstak en het type onderneming waarin u wilt werken. Hoe preciezer de werkzaamheden worden omschreven, hoe beter. Een projet professionnel vervangt het CV niet, maar voegt extra informatie toe aan uw sollicitatie. Het is ook een goede manier om uw eigen wensen en kwaliteiten op een rij te zetten.'
Print dit artikel
De Franse arbeidsongeschiktheid Er bestaan, anders dan in Nederland bij de WAO, nogal verschillende vormen van voorzieningen tegen arbeidsongeschiktheid. Werknemers die langdurig ziek worden, krijgen drie jaar lang een uitkering van de Sécurité sociale als het laatste kwartaal voorafgaande aan de ziekte ten minste 200 uren is gewerkt bij ziekteperioden van ten minste een halfjaar of 800 uren over het voorafgaande jaar. De werknemers ontvangen dan een dagvergoeding (indemnité journalière - IJ) van de helft van het gemiddelde salaris (gerekend over de laatste drie maanden). Het maximum is een IJ van € 41,93. Na die drie jaar krijgt men een invaliditeitspensioen (pension d'invalidité) als de arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op twee derden. De uitkering bedraagt dan 30% van het gemiddelde jaarsalaris over de afgelopen tien beste jaren in het geval van gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid en 50% bij een volledige. De meeste werkgevers vullen die vergoedingen aan, zodat in de praktijk 90 tot 100% van het salaris wordt ontvangen. Wie bij kleine ondernemingen werkt, doet er goed aan een individuele verzekering (assurance de prévoyance) af te sluiten.
Onafhankelijke beroepsbeoefenaren kunnen aanspraak maken op dagvergoedingen waarop zij recht hebben dankzij de verplichte ziektekostenverzekering; deze zijn te vergelijken met die van werknemers. Men moet dan wel ten minste een jaar verzekerd zijn bij de URSSAF of RSI. Artisans (aannemers, timmerlieden en ander ambachtsvolk) die geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt worden, ontvangen een uitkering van 50% over het gemiddelde inkomen van de voorafgaande drie jaar en daarna 30%. Winkeliers ontvangen bij volledige arbeidsongeschiktheid een uitkering van 50% en bij gedeeltelijke 30%.
Print dit artikel
Een Frans bedrijf(je) oprichten
Erg vlot is de Franse regelgeving niet voor startende ondernemers. De bureaucratie tiert welig en de betrokken ambtenaren houden zichzelf en hun talrijke collega’s bezig met het toesturen van formulieren en het zetten van stempels. Je moet over een ijzeren uithoudingsvermogen beschikken om zaken van de grond te krijgen.
Om de persoonlijke aansprakelijkheid bij een bedrijf(je) te beperken, kan men vrij eenvoudig een BV oprichten (een SARL, Société à Responsabilité Limitée) en zelf werknemer worden. Bij het oprichten van zo'n vennootschap - de bekende création d’entreprise - was de minimumstorting slechts € 750 (10% van het minimumkapitaal). Enkele regeringen geleden is besloten om het oprichten van een SARL aantrekkelijker maken door de storting op het vereiste minimumkapitaal terug te brengen tot € 1. De vennootschapsbelasting (IS, impôt sur les sociétés) bedraagt in Frankrijk 33,3% (15% voor zeer kleine ondernemingen met minder dan vijf man personeel). Naast de NV (SA – Société Anonyme) en de SARL kennen we in Frankrijk ook nog de eenpersoons BV, de EURL (Entreprise Unipersonnelle à Responsabilité Limitée), weleens toegepast door buitenlanders die in Frankrijk een zaak(je) willen beginnen. Activiteiten op het gebied van de gezondheidszorg of juridische advisering mogen niet onder het regime van een EURL worden uitgevoerd. De oprichter/eigenaar van deze bedrijfsvormen is alleen aansprakelijk voor het kapitaal (eigen geld of in natura) dat hij heeft ingebracht.
De SIRET- en SIREN-nummers Wie werk laat uitvoeren aan zijn Franse huis zal er op moeten toezien dat de ingeschakelde aannemer, loodgieter, elektricien, charpentier en anderen legaal aan de slag gaan. Op zwart werken wordt streng gelet in Frankrijk. Een legaal bedrijf moet in het bezit zijn van het SIRET-nummer of het SIREN-nummer. Je ontvangt eerst een SIREN-nummer, en een maadje later wordt dat aangevuld tot het SIRET nummer (dan komen er vijf cijfers bij). Het systeem om bedrijven te kunnen identificeren dateert van 1973 en heet SIRENE (Répertoire national d'identification des entreprises et de leurs établissements), in beheer bij het Franse bureau voor de statistiek INSEE (Institut national de la statistique et des études economiques). Elk bedrijf of filiaal daarvan heeft een eigen nummer en ook zelfstandigen moeten in het bezit zijn van SIRET. De inschrijving gebeurt bij de Centres de formalités des entreprises. Voor de Nederlanders die een uitspanning à la chambre d’hôtes willen beginnen: een SIRET-nummer is alleen nodig bij de professionele exploitatie van een petit restaurant of in geval van gîtes, als er ook aanvullende diensten worden geleverd. Een SIRET nummer bestaat uit veertien cijfers en heeft twee delen: de eerste negen cijfers vormen het SIREN nummer (de aanduiding voor de identiteit) en de laatste vijf cijfers vormen de NIC (Numéro interne de classement). Als een onderneming verschillende bedrijven kent, zal de SIREN gelijk zijn, maar de NIC zal verschillen. Op de website van SIRENE zijn nadere bijzonderheden te vinden. | Bij de ook veelgebruikte entreprise individuelle (ook genoemd entreprise en nom of entreprise en nom personnel) of de status van travailleur indépendant is geen eigen kapitaal nodig en evenmin is het noodzakelijk om een oprichtingspublicatie te laten verschijnen. Hier binnen zijn drie beroepsvormen te onderscheiden: de commerçant (vooral winkeliers en ook campingeigenaren vallen onder deze categorie), de artisan (bijvoorbeeld de timmerman of de klusjesman) en de libéral (degenen met een vrij beroep zoals de journalist). Er is nog een vierde categorie: de verhuurder (locateur), in de meeste gevallen gelijkgesteld met een commerçant, maar er gelden enkele afzonderlijke regeltjes. De eigenaar blijft persoonlijk aansprakelijk voor het wel en wee van zijn kleine onderneming.
Er wordt bij een entreprise individuelle veel gewerkt met een vereenvoudigd belastingregime zonder al te veel papieren, de micro-entreprise BIC of -BNC. Er geldt dan een vrijstelling van het bijhouden van een ingewikkelde administratie of het verplicht aanstellen van een expert-comptable en er is geen TVA-administratie nodig. De BIC mag een omzet hebben van € 80.000 (handelsbedrijven en verhuurders) of € 32.000 (dienstverleners). BIC staat voor bénéfices industriels et commerciaux. Dezelfde regels gelden voor micro-entreprises BNC (bénéfices non commerciaux) en gelden voor beoefenaren van vrije beroepen en dienstverleners. Deze micro-entreprises zijn geen vennootschapjes, maar fiscaal vriendelijk bejegende activiteiten. Er hoeft geen TVA te worden berekend en de TVA op gekochte materialen kan dan ook niet worden afgetrokken, een flink nadeel van de micro-entreprise. De inkomsten (omzet) worden gewoon op het aangiftebiljet voor de inkomstenbelasting opgegeven. De algemene aftrek van de micro-BIC is 71% voor commerçants (50% voor de dienstverleners, voor professions libérales en kunstenaars is dat 37%) van die omzet, chiffre d’affaires. Bij een BNC is de algemene aftrek 34%.
De standaard belasting voor buitenlanders die niet in Frankrijk belastingplichtig zijn, is 20%, hetgeen erop neer komt dat zij in Frankrijk slechts 5,8% belasting betalen (20% van 29%) over hun Franse huurinkomsten. De drempel voor inkomstenbelastingbetaling is € 305 per jaar. Wie minder dan dit bedrag aan belasting verschuldigd is, hoeft helemaal niets meer te betalen. Wel moet steeds aangifte worden gedaan, althans als de omzet boven de € 760 per jaar uitkomt. Even uitrekenen: pas als de huurinkomsten van je Franse gîte boven de € 5250 per jaar uitkomen zul je met de Franse fiscus te maken krijgen. Wie belastingplichtig is in Frankrijk valt uiteraard ook onder de grens van € 760 omzet per jaar. Als meer is 'verdiend' geef je dat op als bijverdienste onder de micro-BIC of mico-BNC. Welk tarief dan zal worden gehanteerd hangt af van de overige inkomsten.
Wie minder huur ontvangt dan € 80.000 kan kiezen of hij in aanmerking wil komen voor het regime van de micro-entreprise of voor het regime du réel simplifié d’imposition. Wie als startende ondernemer kiest voor een micro-entreprise kan soms meer kosten maken dan het forfait van 71%. Dan kan het voordeliger zijn om het bedrijf fiscaal onder het régime normal te laten inschrijven. Voor professionele verhuurders gelden andere regels. Zij moeten staan ingeschreven in het handelsregister en zijn ook onderworpen aan vennootschapsbelasting.
Bij een entreprise individuelle vallen de eigenaar en zijn gezin automatisch onder het Franse sociale stelsel, tegen een premie voor een koppel van ongeveer € 3500 in het eerste jaar. In het tweede jaar van de activiteiten worden de premies ruim € 4500 en daarna worden de bedragen van de eerste twee jaar herberekend op ongeveer 35% van de revenus (omzet minus bedrijfskosten). Het kan dus zijn dat na de eerste twee bedrijfsjaren nog moet worden bijbetaald over die twee jaren. Wie een mooie omzet draait en goed verdient, moet rekenen op een premiedruk die tot de 45% kan oplopen. Voor jonge Franse ondernemers is een dergelijke torenhoge druk niet erg bemoedigend. Daarom heeft de regering voorgesteld een maximum vast te stellen (bouclier social) voor deze micro-entreprises. De regering onder president Sarkozy heeft over de uitwerking van dit punt nog niets laten horen. Sinds 1 januari 2007 zouden onderneminkjes met een nog nader te bepalen kleine activiteit een andere vorm van berekenen van de sociale lasten mogen toepassen, waarbij niet meer het starre forfait behoeft te worden afgedragen, maar de hoogte van de premies een percentage wordt van de omzet, gedacht wordt aan 14%.
Naast de algemene vormen van bedrijfsvoeringen is er nog een aantal die in het bijzonder zijn gericht op de eenpitters in de creatieve beroepen (websdesigners, vertalers, tekstschrijvers en anderen). Zo is er het fenomeen van de portage salarial, waarin ondernemingen de administratie en afdracht van sociale belastingen en premies voor hun rekening nemen. Daarmee kan de vrije beroeper zich concentreren op het werk zelf en ontvangt hij zijn 'salaris' maandelijks. De figuur houdt het midden tussen de onafhankelijke werker en iemand in loondienst. Je bepaalt je eigen werktijden en maandelijks stuur je een overzicht van de verrichte werkzaamheden. Ondertussen ben je verzekerd tegen ziektekosten, ongevallen, bedrijfsrisico's en arbeidsongeschiktheid. Zelfs is het mogelijk om bij een behoorlijk arbeidsverleden een beroep te doen op de werkloosheidskassen. Nadeel van het systeem zijn de totale hoge kosten: fee voor de onderneming portage salarial, betaling van werkgever- en werknemerspremies. Van de omzet houd je dan ongeveer 50% over, waarover dan nog afzonderlijk inkomstenbelasting moet worden betaald.
| Uitvoerige informatie over deze onderwerpen is te vinden in La Maison, uitg. Het Spectrum. |
Print dit artikel
|

het weer in Frankrijk
07 jan 2009
|